INTRAVAL. Bureau voor sociaal-wetenschappelijk onderzoek en advies<
 
Geen Kinderspel
Hoofdstuk 5    Inventarisatie agressie (deel 2)
5.2    Kinderen met agressieve problemen
Ruim een derde van de geobserveerde kinderen heeft gedurende de observatie-periode één of meerdere agressieve gedragingen vertoond. Wanneer wordt gekeken hoe vaak deze kinderen op één ochtend of één middag agressief zijn, dan blijkt dat dit uiteen loopt van 0,1 keer tot 12,5 keer op één dagdeel.5 Gemiddeld zijn deze kinderen per dagdeel 1,1 keer agressief. Uit tabel 5.2 is af te lezen dat voor fysieke agressie het maximum 11 keer is. Dit betekent dat er ten minste één kind is dat gemiddeld 11 keer op een dagdeel fysieke agressie vertoont. Voor verbale agressie is het maximum 11,5 keer en voor vandalisme 0,5 keer.
Tabel 5.2
Minimum, maximum en gemiddeld aantal keren dat kinderen per dagdeel agressie vertonen (N=876)

n minimum maximum gemiddeld

fysieke agressie 260 .13 11.0 .91
verbale agressie 132 .13 11.5 .84
vandalisme 10 .13 .5 .24
 
agressie-totaal 314 .13 12.5 1.1

 
Het blijkt dat een tiende (11%) van de kinderen per dagdeel één of meerdere keren agressief is en 6% twee keer of vaker. Slechts zes van de 876 kinderen (0,7%) laat per dagdeel gemiddeld tien keer of vaker agressief gedrag zien.
Agressieve problemen en achtergrondkenmerken
Aangenomen kan worden dat de kinderen die per dagdeel meerdere keren agressief zijn extra energie en aandacht van de leerkrachten en groepsleiders vragen. Tevens kunnen zij andere kinderen of de groep op een negatieve wijze beïnvloeden. Zo blijkt agressie vaak tegen-agressie uit te lokken. Kinderen met agressieve problemen worden in dit hoofdstuk gedefinieerd als kinderen die per dagdeel twee keer of vaker agressief gedrag vertonen. Het blijkt dat ook hier verschillen bestaan tussen jongens en meisjes, hoewel minder groot dan voorheen. Van de jongens kampt 7% met agressieve problemen, tegenover 4% van de meisjes.
In de vorige paragraaf is naar voren gekomen dat nagenoeg evenveel kinderen uit de verschillende leeftijdsgroepen agressief gedrag vertonen. De kinderen met agressieve problemen (twee keer of vaker agressief per dagdeel) zijn echter vooral in de jongste en oudste groep te vinden (figuur 5.6). Van de twee- en driejarige kinderen heeft maar liefst 17% agressieve problemen, van de kinderen van tien jaar en ouder 9%. Het aandeel kinderen met agressieve problemen is in de overige leeftijdsgroepen niet hoger dan 4%. De sleutelinformanten hebben al aangegeven dat in Noordwest-Groningen per peuterspeelzaalgroep ten minste één kind aanwezig is met een sociaal-emotionele achterstand. Deze kinderen laten in het algemeen meer agressie zien. Onduidelijk is echter waarom een verhoogd aantal kinderen met agressieve problemen onder kinderen van tien jaar en ouder te zien is.
Figuur 5.6
Agressieve problemen per leeftijdsgroep
Geen Kinderspel: Figuur 5.6 Agressieve problemen per leeftijdsgroep [Intraval]
 
   
Ook wat betreft agressieve problemen blijken er geen verschillen tussen allochtone en autochtone kinderen te zijn (5% versus 6%).
Agressieve problemen, locatie en woonbuurt
Wanneer we kijken naar de verschillende locaties waar de kinderen geobserveerd zijn, dan blijkt dat basisscholen met slechts 2% kinderen met agressieve problemen, beduidend lager scoren dan de overige locaties (figuur 5.7). Het hoogst scoort het kinderwerk (25%). De gemiddelde grootte van de geobserveerde groepen in het basisonderwijs is 25, op de peuterspeelzaal 10, en in het kinderwerk en de speeltuinvereniging 15. Omgerekend zijn er per groep gemiddeld anderhalf kinderen met agressieve problemen op de peuterspeelzaal, vier in het kinderwerk en drie bij de speeltuinvereniging. Op de basisscholen is een kind met agressieve problemen in één op de twee groepen aan te treffen. Let wel, bij de scholen zijn de kinderen niet op het plein geobserveerd.
Figuur 5.7
Agressieve problemen per locatie
Geen Kinderspel: Figuur 5.7 Agressieve problemen per locatie [Intraval]
 
Figuur 5.8
Agressieve problemen per woonbuurt
Geen Kinderspel: Figuur 5.8 Agressieve problemen per woonbuurt [Intraval]
 
Bij de wijken zijn slechts kleine verschillen waar te nemen in het aantal kinderen met agressieve problemen. Uit figuur 5.8 blijkt dat Vinkhuizen-Zuid, Paddepoel-Zuid en Tuinwijk enigszins hoger scoren dan de overige wijken. Dit zijn overigens ook de wijken die door de sleutelinformanten zijn genoemd als wijken met de meeste agressiviteit onder kinderen. Ook inzake agressieve problemen scoren de kinderen van buiten het stadsdeel Noordwest-Groningen (categorie overig) laag.
5.3    Resumé
Met behulp van een inventarisatielijst met de meest voorkomende agressieve handelingen van kinderen, hebben leerkrachten van basisscholen en groepsleiders vanuit peuterspeelzalen, het sociaal-cultureel kinderwerk en speeltuinverenigingen gedurende een week bijgehouden welk agressief gedrag er in hun groep is waar te nemen. Op deze wijze is informatie verzameld over 876 kinderen; 38% van alle kinderen van 3-12 jaar in het stadsdeel Noordwest-Groningen. Voor zover bekend is dit de eerste keer dat de agressie van kinderen binnen een bepaald gebied op een dergelijke systematische wijze is vastgesteld. Dit houdt echter tevens in dat er geen vergelijkingsmateriaal voorhanden is. De belangrijkste bevindingen zijn:
ruim een derde van de kinderen heeft gedurende de observatieperiode van een week agressie vertoond, met name direct fysieke agressie zoals duwen, slaan en schoppen;
gedurende de observatieperiode heeft de helft van de jongens agressief gedrag vertoond tegenover een kwart van de meisjes;
de jongere kinderen vertonen veel direct fysieke agressie. Met het stijgen van de leeftijd neemt de verbale en sociale agressie (pesten en buitensluiten) toe;
er zijn geen verschillen geconstateerd tussen allochtone en autochtone kinderen;
de meeste agressie is te zien in het kinderwerk en bij de speeltuinverenigingen, het minst op de basisscholen. Om onderzoekstechnische redenen zijn de kinderen op de basisscholen echter niet tijdens de pauzes geobserveerd. Het is bekend dat juist hier de meeste agressie plaatsvindt. Het blijkt dat binnen de speeltuinverenigingen en het kinderwerk relatief veel verbale agressie is waar te nemen;
in de wijken is de meeste agressie waargenomen in Vinkhuizen-Zuid, maar ook Vinkhuizen-Noord, Paddepoel-Zuid en Tuinwijk scoren hoog. In Paddepoel-Noord is de minste agressie waargenomen. Ook de kinderen van buiten het stadsdeel Noordwest-Groningen scoren laag;
een klein deel van de kinderen (6%) vertoont agressieve problemen, zij zijn per dagdeel twee keer of vaker agressief. Onder de jongste (2-3 jaar) en de oudste (10-12 jaar) kinderen worden relatief veel kinderen aangetroffen met agressieve problemen.
Noten
1. Op de basisscholen zijn de kinderen gemiddeld gedurende zeven dagdelen geobserveerd, bij de overige lokaties twee dagdelen.
2. De percentages van de verschillende soorten agressie tellen samen op tot meer dan 36%. De oorzaak hiervan is dat een kind zowel fysieke agressie, verbale agressie, als vandalisme kan hebben vertoond.
3. De niet gepresenteerde tabellen uit dit hoofdstuk zijn te vinden in de bijlage.
4. De leerkrachten en groepsleiders is gevraagd in welk land de ouders van het kind (naar alle waarschijnlijkheid) zijn geboren. Wanneer één van hen buiten Europa is geboren wordt het kind tot de allochtonen gerekend.
5. Hiervoor is de volgende berekening gemaakt: het totaal aantal agressieve gedragingen van een kind gedeeld door het aantal dagdelen dat het kind is geobserveerd.
vorige   volgende
Colofon en inhoudsopgave
Voorwoord
Hoofdstuk 1    Inleiding
Hoofdstuk 2    Methodologische verantwoording
Hoofdstuk 3    Overzicht literatuur
Hoofdstuk 4    Opvattingen sleutelinformanten
Hoofdstuk 5    Inventarisatie agressie
Hoofdstuk 6    Pesten in het basisonderwijs
Hoofdstuk 7    Conclusies en aanbevelingen
Literatuur
Bijlage    Tabellen
 
© INTRAVAL, Groningen-Rotterdam .
Deze site wordt onderhouden door De Poel Webdesign.