INTRAVAL. Bureau voor sociaal-wetenschappelijk onderzoek en advies
 
Thermometer Binnenstad Groningen, metingen 1998-2003
PDF-bestanden van dit rapport
Bestelinformatie
Deze publicatie is te bestellen door overmaking van
€ 12,50 + € 3,50 verzendkosten (bij bestelling van meerdere publicaties € 6,00) op rekening NL31 INGB 000 4 5997 84 ING-Bank ten name van Stichting INTRAVAL te Groningen, onder vermelding van de titel(s) en uw naam + adres.
Samenvatting en conclusies
In opdracht van de gemeente Groningen heeft onderzoeks- en adviesbureau INTRAVAL in 2003 voor het zesde jaar de monitor 'Thermometer Binnenstad Groningen' uitgevoerd. Binnen de monitor worden twee gebruikerscategorieën onderscheiden. Gebruikerscategorie I bestaat uit bezoekers overdag, winkeliers en bewoners, terwijl gebruikerscategorie II uit avondbezoekers en horeca-ondernemers bestaat. Er wordt gebruik gemaakt van een vragenlijst waarin vragen zijn opgenomen die uiteenlopende informatie geven over de volgende negen indicatoren: Gedrag in openbare ruimte; Schoonhouden openbare ruimte; Straataanzicht; Toezicht; Verkeer; Marktbeheer; Parkeren; Sfeer; en Veiligheidsbeleving. Daarnaast is de respondenten tevens gevraagd hun totale beleving van de binnenstad te beoordelen met een rapportcijfer tussen 1 en 10.
De waardering voor de Groningse binnenstad is toegenomen. Het rapportcijfer voor de algemene waardering van de binnenstad laat bij alle gebruikersgroepen, behalve de dagbezoekers, een positieve trend zien. Wanneer wordt gekeken naar de afzonderlijke indicatoren blijkt dat beide gebruikerscategorieën positiever zijn over het gedrag van verschillende groepen in de binnenstad, met name samenscholingen van groepen jongeren komen minder vaak voor. Daarnaast geven zij aan dat de binnenstad de laatste jaren schoner is geworden en dat het onderhoud en uiterlijk is verbeterd. Dit laatste komt vooral duidelijk naar voren bij gebruikerscategorie II. De positieve ontwikkelingen binnen gebruikerscategorie II worden met name veroorzaakt door de steeds positiever wordende avondbezoekers. Tot slot ondervindt gebruikercategorie I steeds meer hinder van het verkeer in de binnenstad, terwijl gebruikerscategorie II het tegenovergestelde aangeeft.
Hoewel het gedrag van verschillende groepen, zoals drugsverslaafden, alcoholisten en jongeren, in de binnenstad voor beide gebruikerscategorieën de afgelopen jaren tot steeds minder hinder heeft geleid, neemt volgens beide categorieën het bedelen de laatste jaren toe. De afnemende verkeershinder bij gebruikerscategorie II komt met name doordat volgens deze categorie te hard rijdende brommers en scooters en verkeersregels negerende taxi's minder vaak voorkomen. De toenemende waardering voor het aanzien van de binnenstad door gebruikerscategorie II komt doordat zij positiever zijn geworden over bankjes en prullenbakken op straat en groenvoorzieningen. Tot slot vindt zowel gebruikerscategorie I (met name de winkeliers) als gebruikerscategorie II (met name de horeca-ondernemers) dat hinderlijk gestalde fietsen steeds vaker voorkomen. Dit onderdeel behoort tot de indicator Parkeren, die echter in zijn totaliteit geen dalende trend laat zien.
De indicatoren Sfeer en Veiligheidsbeleving zijn beide opgebouwd uit één vraag. Over de ontwikkelingen in deze indicatoren is daardoor verhoudingsgewijs weinig informatie beschikbaar. Aanbevolen wordt daarom om door aanvullend en meer kwalitatief onderzoek, bijvoorbeeld gesprekken met focusgroups, meer inzicht te verkrijgen in deze indicatoren. Op basis van de resultaten van deze gesprekken kunnen vragen voor de enquête worden geformuleerd. Hierdoor wordt in de vervolgmeting(en) meer inzicht verkregen in de onderliggende redenen voor de ontwikkelingen in de sfeer- en de veiligheidsbeleving.
 
© INTRAVAL, Groningen-Rotterdam .
Deze site wordt onderhouden door De Poel Webdesign.