INTRAVAL. Bureau voor sociaal-wetenschappelijk onderzoek en advies
 
Monitoring drugsoverlast Venlo (2)
PDF-bestanden van dit rapport
Samenvatting (16 Kb)
Bestelinformatie
Deze publicatie is te bestellen door overmaking van
€ 12,50 + € 3,50 verzendkosten (bij bestelling van meerdere publicaties € 6,00) op rekening NL31 INGB 000 4 5997 84 ING-Bank ten name van Stichting INTRAVAL te Groningen, onder vermelding van de titel(s) en uw naam + adres.
Samenvatting
In het kader van het onderzoek Monitoring Drugsoverlast Venlo is een aanvullend onderzoek verricht. Dit aanvullende onderzoek bestaat uit drie onderdelen: observaties en tellingen op locaties waar drugsrunners en -handelaren komen en rondhangen; een face-to-face enquête onder ondernemers in de Binnenstad van Venlo; en een pilot-studie onder bezoekers. In dit hoofdstuk worden de belangrijkste resultaten van deze drie deelonderzoeken beschreven.
5.1 Ondernemers
In deze paragraaf wordt ingegaan op de belangrijkste resultaten van de enquête onder ondernemers in de Binnenstad van Venlo.
Voorkomen van buurtproblemen
Om een beeld te krijgen van de mogelijke vormen van overlast in de Binnenstad van Venlo is de ondernemers een aantal voorvallen en situaties voorgelegd die tot overlast kunnen leiden. De ondernemers is gevraagd in welke mate verschillende vormen van overlast voorkomen. Deze gegevens zijn samengevoegd tot indicatoren met een waarde tussen één en tien voor vier buurtproblemen, te weten: drugsproblematiek, verkeersproblemen, buurtverloedering en buurtdreiging.
De scores op de vier voor buurtproblemen ontwikkelde indicatoren zijn niet bijzonder hoog, hetgeen wil zeggen dat er geen sprake is van zeer ernstige problematiek. De indicator drugsproblemen is het hoogst, met name in Q4+ (4,9 in Q4+ en 3,6 in de Overige Binnenstad). Uit de analyses blijkt dat een groter aantal ondernemers is weggetrokken uit Q4+ dan uit het overige deel van de Binnenstad.
Verkooppunten van drugs
Volgens een grote meerderheid (80%) van de ondervraagde ondernemers worden er drugs verkocht in de buurt van hun onderneming. In veel gevallen (86%) gaat het daarbij om meerdere (twee of meer) verkooppunten in de buurt. Van de verschillende vormen van drugsverkoop komt het dealen op straat volgens de ondervraagde ondernemers het meest voor in de binnenstad van Venlo (52%). Daarnaast scoort in Q4+ de verkoop vanuit dealpanden hoog (42%). In het overige deel van de Binnenstad staat de verkoop in niet gedoogde coffeeshops op de tweede plaats (24%).
Uit de observaties komt eenzelfde beeld naar voren. Rondhangen voor een (deal)pand en bezoeken van een (deal)pand komt gemiddeld vaker voor in de gebieden A en C (1,5 en 1,0), oftewel het Q4+ gebied, dan in gebied B (0,4; overige deel van de Binnenstad). Het dealen op straat wordt in gebied B echter alleen in weken twee en drie (1,1 en 0,10) waargenomen door de stadswachten.
Ervaren van overlast
Om de ervaren overlast die voortkomt uit de handel in en het gebruik van drugs te meten, zijn aan de ondernemers vragen gesteld over het ervaren van concrete, drugsgerelateerde voorvallen en situaties. Uit de verkregen gegevens zijn drie indicatoren samengesteld, te weten: overlast door coffeeshops of andere verkooppunten; annexatie van de openbare ruimte door dealers, runners of gebruikers; overige vormen van overlast, zoals vervuiling van portieken of straten en gebruikte spuiten op straat.
Gemeten op een schaal van één tot tien is de overlast door annexatie door drugsdealers /gebruikers van de openbare ruimte het grootst (gemiddelde indicatorscore 2,8), maar het verschil met overlast door verkooppunten (2,3) en overige vormen van overlast (2,5) is klein. Uit nadere analyses is gebleken dat het met name gaat om het hinderlijk heen en weer lopen en om het schreeuwen en ruziemaken van dealers, runners en gebruikers. Uit de observaties komt naar voren dat heen en weer lopen van personen inderdaad één van de activiteiten is die gemiddeld het vaakst voorkomt (gebied A 1,3; gebied B 0,6; gebied C 0,6).
Alle vormen van drugsoverlast, maar met name overlast door coffeeshops en andere verkooppunten van drugs hebben in Q4+ een hogere indicatorscore dan in het overige deel van de Binnenstad (2,7 in Q4+ tegenover 1,9 in de overige Binnenstad).
Drugstoerisme komt volgens het grootste deel van de ondervraagde ondernemers (75%) voor, waarbij de helft van deze ondernemers (51%) van mening is dat dit extra overlast met zich meebrengt. Overigens zijn tijdens de tellingen met name in de Prinsessesingel auto's met een Duits kenteken waargenomen (6,8 tegenover 3,3 in de St. Urbanusweg en 2,7 in de Straelseweg).
Gevolgen van drugsoverlast
Wanneer de gevolgen van overlast voor de ondernemers in de Binnenstad van Venlo worden geanalyseerd, blijkt dat de meeste ondernemers (79%) zich overdag wel veilig voelen, maar dat 's avonds 46% zich wel eens onveilig voelt. Meer dan de helft van de ondernemers (59%) mijdt bepaalde plekken in de Binnenstad van Venlo. Uit de observaties komt naar voren dat de gebieden met name 's avonds (tussen 17.00 en 24.00 uur) worden bezocht door drugrunners (gebied A 2,3; gebied B 0,8; gebied C 2,0). Het rondhangen van personen voor een (deal)pand en het bezoeken van een (deal)pand gebeurt daarentegen zowel 's middags als 's avonds.
Eén van de mogelijke gevolgen van overlast is slachtofferschap van criminaliteit. Het gaat hierbij met name om vermogensdelicten, geweldsdelicten en vandalisme. Van de ondernemers is de afgelopen 12 maanden 60% wel eens slachtoffer geweest van vermogensdelicten, 18% van geweldsdelicten en 37% van vandalisme. Bij schade ten gevolge van criminaliteit worden drie soorten schade onderscheiden. Naast directe schade kan er sprake zijn van gevolgschade wanneer bijvoorbeeld de winkel tijdelijk moet worden gesloten of veel extra administratie nodig is. Bovendien kan als gevolg van criminaliteit immateriële schade worden geleden. Hierbij kan het onder andere gaan om ziekteverzuim onder het personeel of verlies van klanten. Bijna de helft van de ondernemers (46%) heeft schade geleden als gevolg van criminaliteit. In het Q4+ gebied hebben minder ondernemers schade geleden dan in het overige deel van de Binnenstad. Het verschil is bij alle vormen van schade ongeveer 10%.
Een grote meerderheid (84%) van de ondernemers heeft beveiligingsmaatregelen getroffen ter voorkoming van slachtofferschap van criminaliteit. Hierbij gaat het vooral om inbraakwerende maatregelen zoals luid en stil inbraakalarm (49% en 44%) en verstevigd hang- en sluitwerk (39%).
   
5.2 Observaties en tellingen
Uit de analyses van de observaties blijkt onder andere dat het in week zeven in de gebieden A en B erg druk is vergeleken met de andere weken. Voor deze hoge aantallen is een aantal verklaringen mogelijk. Ten eerste zijn er in deze week alleen observaties uitgevoerd op zaterdag. Uit alle resultaten blijkt dat zaterdag de drukste dag van de week is. Bovendien gaat het om de zaterdag na carnaval.
Tot slot komt naar voren dat daadwerkelijke handel en gebruik van drugs tijdens de observaties in alle gebieden niet tot nauwelijks voorkomt. De meest voorkomende activiteiten zijn rondhangen voor een (deal)pand, bezoeken van een (deal)pand en heen- en weerlopen van personen.
Wanneer wordt gekeken naar de tellingen van de auto's, blijkt dat gemiddeld in de Prinsessesingel de meeste auto's zijn geteld, 29,3 tegenover 18,2 in de St. Urbanusweg en 13,2 in de Straelseweg. De Prinsessesingel wordt eveneens vaker bezocht door Duitsers (gemiddeld 6,8 per week) dan de andere twee straten (3,3 St. Urbanusweg en 2,7 Straelseweg).
5.3 Pilot-studie bezoekers
Het enquêteren van 25 bezoekers van coffeeshops is relatief eenvoudig verlopen. Het benaderen van respondenten uit de overige twee groepen blijkt echter binnen de geplande tijd en inzet vrijwel onmogelijk. Op verschillende dagen (zowel door de week als in het weekeinde) en op verschillende tijdstippen (zowel 's middags als 's avonds) hebben meerdere veldwerkers geprobeerd om buiten de coffeeshops respondenten te werven. Hierbij zijn slechts vier vragenlijsten afgenomen, waarvan twee in een regulier café waar het gebruik van cannabis wordt toegestaan en twee op straat. Overigens heeft daarnaast wel met diverse personen een gesprek plaatsgevonden, zonder dat daarbij gebruik is gemaakt van een enquêteformulier. Het gaat hierbij om detailhandelondernemers, café-eigenaren, voorbijgangers, coffeeshopmedewerkers, softdruggebruikers en drugsrunners.
Gedoogde coffeeshops
De vijf gedoogde coffeeshops zijn in principe niet vrij toegankelijk. De deur is gesloten en om toegang te verkrijgen moet eerst worden aangebeld. De deur wordt vervolgens elektronisch open gedaan. Volgens één van de respondenten is dit het resultaat van de politie-invallen die enige tijd geleden hebben plaatsgevonden.
Het percentage Duitse klanten ligt relatief hoog. De helft tot drie kwart van de coffeeshopbezoekers zou afkomstig zijn uit Duitsland. Het aandeel auto's met een Duits kenteken is weliswaar lager, maar niet alle getelde automobilisten bezoeken ook daadwerkelijk een coffeeshop of overige verkooppunten. Onder de getelde voertuigen met een Nederlands kenteken zullen ook relatief veel bewoners van de Binnenstad zitten.
Veel respondenten uit de coffeeshops, met name de Duitse, geven aan dat de keuze voor het verkooppunt waar ze hun drugs kopen, wordt bepaald door de legaliteit van het verkooppunt, de kwaliteit van de aangeboden softdrugs en de privacy die ze wordt geboden. Ze willen vooral rustig kunnen kopen en eventueel gebruiken. Bijna alle respondenten kopen hun drugs dan ook altijd in de gedoogde coffeeshops.
Volgens meerdere respondenten en eigenaren van gedoogde coffeeshops is het aantal gedoogde coffeeshops in Venlo te gering. Het aantal gedoogde coffeeshops lijkt te veel gebaseerd op het inwonertal van Venlo, waarbij geen rekening is gehouden met de grote aantallen Duitse bezoekers.
Publieke verkooppunten
In de omgeving van de Maaskade, de Bolwaterstraat en de Puteanusstraat zitten veel smartshops, headshops, growshops en 'kadoshops'. Van een aantal van deze zaken wordt gezegd dat zij ook softdrugs verkopen. Geen enkele informant kan of wil echter namen of huisnummers geven. Andere straten waar zich publieke verkooppunten bevinden zijn de Kaldenkerkerweg, de Roermondsestraat en de Sloterbeekstraat.
Een groot deel van de smart-, head-, en growshops lijkt in handen van eigenaren van Turkse afkomst. Geen van de winkeliers heeft toestemming gegeven om bezoekers te enquêteren. De eigenaren willen niets met het onderzoek te maken hebben en willen ook niet dat er bij hen voor de deur wordt geënquêteerd. De meeste winkeliers zeggen zelf niets te verkopen, maar wijzen wel in de richting van andere winkels. Het lijkt er op dat veel van deze winkels in handen zijn van een beperkt aantal personen en dat ze fungeren als dekmantel voor de drugshandel.
Private verkooppunten
Vooral op de Maaskade lopen veel straatdealers rond. Het overgrote deel van de straatdealers is van Turkse afkomst. De indruk bestaat dat de straatdealers en de publieke verkooppunten nauw met elkaar zijn verweven. Een aantal van hen heeft panden aan de Maaskade met hierin headshops en kadoshops. Ze staan regelmatig in groepjes voor de deuren van deze winkels, ze spreken voorbijgangers aan op straat of houden ze scherp in de gaten. Als deze dealers niet voor de winkel staan en een voorbijganger blijft op straat stilstaan, verschijnt meteen iemand in de deuropening. Overigens lopen op de Maaskade ook personen die voorbijgangers doorverwijzen naar de gedoogde coffeeshops. Volgens verschillende respondenten zijn er zomers grote aantallen dealers die prominent aanwezig zijn.
Meerdere informanten, zowel bezoekers als eigenaren van coffeeshops en cafés waarschuwen voor de straatdealers en de private verkooppunten. Ze spreken over gevaarlijke personen die bedreigen, inbreken en beroven. Volgens meerdere personen is het onmogelijk en misschien zelfs gevaarlijk om ten behoeve van het onderzoek met (straat-)dealers in contact te komen.
5.4 Ten slotte
Aangezien de scores op de vier voor buurtproblemen ontwikkelde indicatorscores niet bijzonder hoog zijn in de Binnenstad, zou gesteld kunnen worden dat er geen sprake is van (zeer) ernstige buurtproblematiek. De indicator drugsproblemen scoort het hoogst, met name in het Q4+ gebied.
Zowel uit de enquêtes als uit de observaties komt naar voren dat het bezoeken van een (deal)pand en het rondhangen voor een (deal)pand veelal voorkomt in het Q4+ gebied. Uit de enquêtes blijkt daarnaast dat het dealen op straat ook in het overige deel van de Binnenstad plaatsvindt. Dit beeld komt echter niet uit de observaties naar voren.
Naast de vier indicatoren voor buurtproblemen, zijn drie indicatoren ontwikkeld die de ervaren drugsoverlast meten. Voor deze drie indicatoren geldt eveneens dat de gemiddelde scores in de Binnenstad niet bijzonder hoog zijn. Wel hebben alle vormen van overlast in het Q4+ gebied een hogere score dan in het overige deel van de Binnenstad van Venlo. Met name de overlast door coffeeshops en andere verkooppunten van drugs scoort in het Q4+ gebied hoog. Bovendien zijn in dit gebied de verschillen tussen de ondernemers groot. Met name detailhandelondernemers die al gedurende langere tijd een winkel hebben in het Q4+ gebied klagen over drugsoverlast, terwijl eigenaars van cadeaushops en horecagelegenheden geen overlast ervaren van de drugshandel in hun buurt.
Uit de pilot-studie onder cannabisgebruikers is met name naar voren gekomen dat het enquêteren van bezoekers van coffeeshops (veel) eenvoudiger is uit te voeren dan het enquêteren van de bezoekers van publieke en private verkooppunten. Geen van de eigenaren van publieke verkooppunten heeft toestemming gegeven om bezoekers te enquêteren. Ze willen niets met het onderzoek te maken hebben en willen ook niet dat er bij hen voor de deur wordt geënquêteerd. Daarnaast waarschuwen meerdere informanten, zowel bezoekers als eigenaren van coffeeshops/cafés, voor de straatdealers en verkopers van softdrugs in private verkooppunten. Gesproken wordt over gevaarlijke personen die niet terugschrikken voor intimidatie en bedreiging en tevens verantwoordelijk zouden zijn voor inbraken en berovingen in de buurt. Volgens meerdere personen is het onmogelijk en wellicht zelfs gevaarlijk om met (straat-)dealers in contact te komen, ook al is dit voor een sociaal-wetenschappelijk onderzoek naar bezoekers van verkooppunten van cannabis.
 
© INTRAVAL, Groningen-Rotterdam .
Deze site wordt onderhouden door De Poel Webdesign.