Korte samenvatting
Softdrugs worden in Nederland voornamelijk vanuit coffeeshops verkocht. Naast deze gedoogde verkooppunten bestaan er ook andere verkooppunten, zoals winkels, horecagelegenheden en koeriers.
Mede naar aanleiding van de Drugsnota van het kabinet uit 1995 hebben diverse gemeenten de afgelopen jaren hun softdrugsbeleid aangepast. Doel is veelal het aantal coffeeshops te reguleren. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de door het openbaar Ministerie opgestelde richtlijnen, aangevuld met lokale criteria.
In opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken is onderzocht wat de effecten zijn van het beleid op soorten en aantallen verkooppunten van softdrugs. Deze studie is het derde deel in een reeks inventarisaties van gemeentelijk softdrugsbeleid en aantallen en soorten verkooppunten van cannabis in Nederland.
Nagegaan is of de afname van het aantal coffeeshops in Nederland leidt tot het ontstaan of substantieel toenemen van het aantal andere verkooppunten van softdrugs. Hierbij is tevens aandacht besteed aan de handel in en om scholen. Verder zijn de eventuele effecten van het verhogen van de leeftijdsgrens voor het betreden van een coffeeshop bestudeerd. Daarnaast is gekeken naar de ontwikkelingen in het gemeentelijk softdrugsbeleid in de 15 onderzochte gemeenten.