INTRAVAL. Bureau voor sociaal-wetenschappelijk onderzoek en advies<
 
In Grote Lijnen
Hoofdstuk 5    Typologie (deel 2)
5.4    Het situationele type
Drieëntwintig respondenten vormen de basis voor de beschrijving van het situationele type, waarvan zes vrouwen. De leeftijd loopt uiteen van 20 tot 40 jaar en is gemiddeld 28 jaar. Dit type onderscheidt zich niet zozeer door een specifieke levensstijl of functionele aspecten. Het middel neemt slechts een perifere plaats in. Kenmerkend is een incidenteel gebruik van cocaïne, dat overwegend gekoppeld is aan speciale gelegenheden. Daarbij moet gedacht worden aan Kerstmis, oud en nieuw, verjaardagen en feesten. Meer of minder bewust wordt het gebruik beperkt gehouden. Dit kan uiteenlopen van een meer 'calvinistische' instelling tot een meer 'hedonistische' instelling. In het eerste geval worden verschillende situaties regelmatig gemeden, als vantevoren bekend is dat er gebruikt wordt. In het tweede geval worden situaties waarin gebruikt wordt opgezocht, of af en toe zelfs gecreëerd. Het cocaïnegebruik blijft echter met die speciale gelegenheden verbonden.
5.4.1    Sociaal-economische achtergrond en status
De achtergrond van de respondenten loopt uiteen van arbeidersklasse tot hogere middenklasse. Het zijn overwegend de vaders die werken en de moeders die de verant woordelijkheid voor de opvoeding hebben. "Directeur van de afdeling distributie. Ook nog onderdirecteur van allerlei afdelingen, ik weet ook niet precies welke." [097] "M'n vader was beveiligingsinspecteur bij de raffinaderij. Mijn moeder werkte niet." [095] De opvoeding verloopt over het algemeen soepel. De meeste respondenten kunnen goed met hun ouders opschieten en spreken hun waardering uit over de opvoeding. Bij een aantal is sprake van een meer problematische jeugd. "Ik had juist een bepaalde begeleiding nodig, maar die konden mijn ouders mij niet geven. Die waren teveel met elkaar bezig. Doordat ik geen begeleiding kreeg kwam er ook niet veel van school." [095] Na verloop van tijd, zeker als de respondenten zelfstandig zijn gaan wonen, is de relatie met de ouders beter geworden. Met betrekking tot scholing en opleiding vormt het situationele type een diffuse groep. Het varieert van een niet afgemaakte HAVO tot universiteit. "Dus eerst de MBO, dat duurde drie jaar, daarna HBO, dat zat in hetzelfde pand. Dus toen ben ik gelijk doorgestroomd, ben ik HBO gaan doen. Ook part-time. Die part-timebaan heb ik tot en met het tweede jaar van de MBO gedaan." [013] "Daarna ben ik een kappersopleiding gaan doen. Ik ben kapster geworden en ben als kapster gaan werken." [039] De diversiteit aan opleidingen weerspiegelt zich ook in de beroepen die worden uitgeoefend. Verkoper, leraar, electricien, maatschappelijk werker, muzikant, verpleegkundige en barkeepster vormen slechts een greep uit de verschillende beroepen. Zes respondenten zijn ten tijde van het interview werkloos, twee respondenten studeren. Samenhangend met de verschillen in arbeidsposities, zijn de uiteenlopende financiële posities. Dit varieert van een basisbeurs van 600 gulden tot een netto inkomen van 4.000 gulden per maand. "Dat zal ongeveer liggen zo tegen de 4.000 netto per maand." [031] "Ik heb een RWW-uitkering, 1.100 gulden en nog wat." [039]
Voor de jongere respondenten speelt het uitgaan nog een rol van betekenis. "Uitgaan natuurlijk, feesten. Alles wat gezellig is. Als ik het geld ervoor heb dan ga ik gewoon uit. Thuis zitten kan altijd nog." [015] Met name voor de oudere respondenten is het belang van uitgaan afgenomen. Het wordt beschouwd als een normaal verloop, waarbij langzaam maar zeker andere dingen belangrijker worden. Zij hebben een partner, soms zijn er kinderen in het spel, er is een baan die de nodige tijd vraagt etcetera. "Vroeger meer dan ik nu doe. Nu ben ik wat ouder en dan heb ik het wel een beetje gezien." [083] "Tegenwoordig minder, vroeger meer. Je hebt nu ook meer verantwoordelijkheid voor je werk enzo." [068]
5.4.2    Drugscarrière
Pre-cocaïne periode
Alcohol en hasj zijn de middelen waarmee men al ervaring heeft voordat men begint met cocaïne. Dit wordt altijd op beperkte schaal gebruikt. "Softdrugs en altijd alcohol gedronken, maar nooit echt veel." [097] "Bij mij is blowen het eerste gekomen. Bier drinken vond ik eigenlijk heel vies. Dat heb ik mezelf aangeleerd, net zo lang drinken totdat ik het lekker vond. Ja dat blowen... Mijn vader dealt hasj en mijn broers die blowden ook allebei." [015] Speed, XTC en paddestoelen zijn voor de meesten ook bekende drugs. Het gebruik van deze middelen blijft eveneens beperkt en levert nooit problemen op. Er is geen sprake van een uitgebreide drugscarrière.
Initiatie
Het eerste contact met cocaïne vindt plaats binnen de vertrouwde setting van vrienden. Soms op feestjes, soms op een sportclub of in een muziekbandje. De leeftijd waarop men begint ligt gemiddeld rond de 20 jaar. Er zijn twee uitschieters naar beneden, rond de 15 jaar en twee naar boven, rond de 25 jaar. "We gingen wel eens een weekendje op trainings-weekend. Toen waren er al een paar bij die gebruikten en dan komt het gewoon op tafel te liggen en je denkt: 'nou ik doe wel eens een keertje mee'." [076] "De eerste keer dat ik harddrugs gebruikte dat was op mijn zesentwintigste, dat was cocaïne. Daarvoor heb ik nooit harddrugs gebruikt." [013] Nieuwsgierigheid en spanning zijn redenen die worden aangegeven als gevraagd wordt naar het waarom. "Je wordt nieuwsgierig en je wilt het wel een keer uitproberen. Het begint haast altijd op oud en nieuw, dat is echt een dag dat iedereen uit het lint gaat." [015] "Op een avondje alle vrienden bij elkaar en iedereen kon snuiven. We gaan op stap daarna. Het was niet zoals nu dat iemand met grammen op zak loopt en constant naar de wc gaat en dat nerveuze gedoe. Dat was sociaal snuiven in die tijd." [039] De kennis omtrent het middel is, op het moment dat men begint, vrij minimaal. "Wist er wel wat van, ben natuurlijk ook niet van gisteren, toch weinig." [097] "Ik wist er wel wat vanaf, maar dat was niet zoveel. Ik wist alleen dat het wit spul was en dat je het kon snuiven. (...) Ik had wel een boekje gelezen, dat ging van koffie tot heroïne. Ik weet echter niet of ik het voordat ik begon, of nadat ik begonnen was, had gelezen. Ik wist wel dat het verslavend kon zijn." [095]
Verloop
Na de eerste kennismaking blijft het gebruik op een laag pitje staan. De frequentie is maandelijks of minder dan maandelijks. Er wordt duidelijk een grens gesteld. "Ik heb altijd wel voor mezelf gezegd: 'Dit is toch wel de limit en niet meer!' Hooguit één keer per maand en niet dat je iedere week met je neus over tafel zit." [076] "Soms één keer in de maand soms twee keer in de maand. Het is niet echt dat mijn lichaam er naar hunkert of zo. Het is ook wel eens zo dat als de andere jongens gebruiken dat ik zeg van ik hoef niet. Vandaar dat ik zeg, ik ben geen notoir gebruiker. Het is geen vast patroon, het varieert." [091] "Ik gebruik maar één keer in de maand. Het is voor mij gewoon plezier." [056] Soms kan door omstandigheden gedurende een korte periode de frequentie toenemen, maar vrij snel gaat het gebruik dan weer omlaag. "Het eind van het jaar met Kerst en oud en nieuw dan ga je meer gebruiken. Dan zijn er veel feestdagen en je hebt meer gelegenheden waar je vrienden tegenkomt die ook gebruiken en vrij zijn en dat merk je. Met oud en nieuw dan loopt het storm. Maar ik kan niet zeggen, nee 't is gewoon heel wisselend." [032] Het komt regelmatig voor dat er langere perioden niet gebruikt wordt. Meestal ontbreken dan de gelegenheden die voor hen verbonden zijn met het gebruik. "Het varieert, dan een periode niet en dan wel weer. Gemiddeld één keer per maand, één lijntje." [097] "Er was een tijd dat het een of twee keer in de maand voorkwam, maar het kwam ook voor dat ik het een jaar niet zag. Het hing ervan af of ik er tegen opliep, of omging met mensen die het gebruikten." [095] De hoeveelheden die worden gebruikt blijven beneden één gram per maand. "Eens in de twee maanden een grammetje. Dat kostte toen 200 gulden. Ik gebruikte als het uitkwam en als ik er het geld voor had. Ik nam thuis een lijntje en dan ging ik stappen. Toen is het een tijdje weggeweest want ik kon het niet betalen." [060]
De belangrijkste circuits waar gebruikt wordt zijn die van goede vrienden, uitgaanswereld en hobby (muziekgroepje). Het gebruik speelt zich af in kleine groepjes van vertrouwde vrienden en goede bekenden en meestal wordt thuis gebruikt. Dat zijn de plaatsen waar men vertoeft tijdens de eerder genoemde speciale gelegenheden als Kerstmis, oud en nieuw en dergelijke. "Dat was bij iemand thuis. De eerste keer heb ik het alleen met mijn broer gedaan en een paar keer met een vriend van mij. Voor de rest nooit met andere mensen, altijd met z'n tweeën. Met uitgaan." [013] "Wel vaak als ik een feestje heb, maar ik moet de mensen wel kennen anders vind ik het toch een beetje eng. Zelf voel je je heel anders en je hebt het gevoel dat anderen raar naar je staan te kijken, dus dat zal ik wel voorkomen. Maar gewoon in de thuissituatie en op een feestje en ook weleens als ik gewoon thuis zit, zo van 'goh ik heb eigenlijk wel zin aan een snuifje'. Nou dan ga je het gewoon halen." [032] "Ik gebruikte tijdens repetities of optredens of bij iemand thuis op een gezellige avond." [095] Er werd en wordt wel in de uitgaanswereld gebruikt, maar er is sprake van een verschuiving naar thuisgebruik. "Momenteel gewoon als ik weg ga. Ik vind het niet zo prettig als ik in een wc moet gaan staan. Dus als ik weg ga dan gebruik ik gewoon wat." [076] "Als ik het doe doe ik het bij iemand thuis, niet in een discotheek, waar je naar de wc moet om het in je neus te douwen." [091] Het gebruik speelt zich ook meestal af samen met andere mensen. Het heeft een sociaal karakter en alleen gebruiken komt dan ook nauwelijks voor. "Het is een beetje eng, doe het liever niet alleen. Met iemand om me heen die ik wat beter ken, dat vind ik prettig. Meestal met D. Alleen is ook wel voorgekomen, maar meestal samen." [097] "Coke heb ik eigenlijk niet alleen gebruikt. Het is wel een sociaal gebeuren. Wel eens een restje opgemaakt, maar anders niet." [060] Hasj, speed en XTC zijn de middelen die naast cocaïne wel gebruikt worden of werden. Ook dit gebeurt op zeer beperkte schaal en is vergelijkbaar met de manier waarop er met cocaïne wordt omge gaan. "Later heb ik ook speed gebruikt. Dat gebruikte ik echter veel voorzichtiger. Ik had echt goed het besef dat het klerezooi was. Alleen bij speciale gelegenheden wil ik nog wel speed gebruiken. Zoals ik er nu over denk hoef ik het nooit meer te gebruiken, maar ik kan bijna niet zeggen nooit. Ik zou het wel gebruiken in hele extreme situaties, bijvoorbeeld bij een optreden en ik kan niet meer op m'n benen staan." [095] "Coke en XTC. Ja sinds kort. We hadden een paar pillen genomen. Een paar werden er niet goed van, door de speed. XTC heeft iets LSD-achtigs. Ik heb twee keer gebruikt dat ik een echt XTC-gevoel heb. Het is net of je hasj-cake hebt gegeten. Je wordt er warm van. Je voelt je heel vrij. Ik kon wel genieten van die dingen. Als ik goeie XTC zou hebben zou ik het zo weer doen. De kwaliteit van XTC varieert." [060] Vier respondenten zijn ten tijde van het interview gestopt met het gebruik van cocaïne. De redenen lopen uiteen, maar hebben meestal niet te maken met problemen. "Ik kan me wel bizarre nachten herinneren, dat is ook de reden waarom ik gestopt ben. Dat ik gewoon nee heb gezegd." [079]
Aard van gebruik
De wijze van gebruik blijft beperkt tot snuiven en roken. Spuiten, basen of chinezen komen niet voor. "Snuiven ja. Soms wel eens roken, maar dat vind ik eigenlijk een beetje zonde want het is toch wel veel geld. 't Is wel lekker soms in een blowtje dan maak je een jointje en dat is wel lekker. Maar in principe gewoon snuiven." [032]
De effecten die de respondenten noemen, zoals een goed gevoel, langer door kunnen gaan, minder onzeker en lekker kunnen praten, zijn overwegend positief. Ze passen binnen de context waar het gebruik zich afspeelt. "Het geeft een goed gevoel, lekker relaxed. Je kunt iets langer door blijven gaan, je wordt minder snel moe. Je voelt je langer happy. De volgende morgen geen klachten, niet echt, ik heb geen ontwenningsverschijnselen." [091] "Ik vind de gesprekken die ik dan voer intenser en ik heb een beetje zo'n vakantie-gevoel. Zo van je hebt vrij en het is lekker weer en ook al regent het, dat maakt niet uit. Het is gezellig, je hebt vrienden om je heen en een lekker gevoel, geen beslommeringen of verplichtingen, net of er een extra gevoel bij is gekomen. Dat is ook erg moeilijk om dat duidelijk te maken. Als je dronken bent ben je altijd dromerig, afwezig als het ware, met coke is dat niet. Het is eigenlijk heel sociaal vergeleken met drinken dan. Met coke ben je heel erg open." [013] "Voor de gezelligheid en geanimeerde gesprekken. Je gaat elkaar heel erg leuk vinden, op de schouders slaan enzo. Ik heb zelden ruzie als ik coke gebruik." [060] Verschillende respondenten geven aan dat de effecten eigenlijk niet zo spectaculair zijn zoals vaak wordt beweerd. De oorzaak daarvan wordt gezocht in het incidentele gebruik. "Nou, het ligt toch wel een beetje een tikkie anders hoor. Het is vaak overtrokken, alle dingen die je hoort. Natuurlijk als je gebruikt dan heb je een fijn gevoel. Maar ik heb nog nooit meegemaakt dat ik de hele avond liep te stuiteren. Maar misschien heb ik daarvoor niet genoeg gebruikt. Dat zou best kunnen." [076] "Ik merk het wel, krijg er niet een soort kick van, daarvoor gebruik ik het ook te weinig. Als je het vaker gebruikt ga je ook meer de kicks herkennen denk ik." [097] Een enkele keer vallen de effecten minder positief uit. Dit wordt dan toegeschreven aan de (toevallige) slechte kwaliteit van de cocaïne. "Ik had ook een aantal keren dat ik het minder leuk vond. Kennelijk was die coke niet goed. Het is wel gebeurd dat ik koppijn en een loopneus kreeg, omdat het spul kennelijk niet goed was." [095]
Het verkrijgen van de cocaïne gaat via vrienden, bekenden of een dealer waarmee men bekend is. "Ik heb kennissen die het weer via via gaan kopen. Via mijn broer kan ik het ook wel te pakken krijgen." [076] "Als ik het koop vertrouw ik de mensen die het verkopen. Ik weet van wie het komt. Dat is een goeie bekende van me. Ik zou het nooit van de straat kopen." [095] Verschillende respondenten geven aan dat zij het eigenlijk zelf nooit kopen, maar alleen gebruiken als ze het krijgen. "Via een band waarin ik speelde. Ik weet niet zo goed waar het vandaan kwam of wie het bij zich had. Er kwam toen een zangeres in die band en die dealde ook. Dat hoefde je niet te kopen." [095] "Ik heb het nooit zelf gekocht. Ik heb het altijd aangeboden gekregen van een vriendje of een partner. Nooit zelf gekocht want ik vond het zonde van mijn geld. Ik dacht dan snuif ik maar niet en dan voel ik me ook prima. Ik heb nooit het gevoel gehad dat ik het moest hebben." [039] De markt waarvan het betrokken wordt is, voor zover men daar zelf van op de hoogte is, gescheiden van die van heroïne. De dealers verkopen verder hooguit nog hasj en XTC.
5.4.3    Betekenis en functie van cocaïne
Het gebruik speelt een ondergeschikte rol en is niet van invloed op de stijl van leven. Door de komst van cocaïne in hun leven verandert er eigenlijk weinig. "Absoluut niet, ik blijf mezelf. Die ene keer dat ik het gebruik, het programma voor de volgende dag stort misschien in elkaar. Je blijft wakker, gaat langer door. Ik ben er niet aan verslaafd. Ik geef er geen geld aan uit." [097]
Het gebruik is gekoppeld aan speciale gelegenheden en heeft verschillende functies. Je lekker voelen, langer door kunnen gaan op een leuk feest, een extraatje om jezelf te verwennen en de sociale aspecten zijn de belangrijkste functies. "Van cocaïne heb ik nooit een kick gehad. Dan zou ik m'n blowtje toch minder kunnen missen. De contacten met mensen is het belangrijkste natuurlijk." [039] "Ik gebruik dus XTC en coke om iets extra te hebben bij een speciale gelegenheid of een avondje dat wel leuk is." [013] "Juist op 't moment dat ik het naar m'n zin heb, dat ik me gewoon lekker voel, omdat ik eigenlijk iets meer wil feesten dan dat op dat moment het geval is, dat ik er een schepje boven op gooi om het feestje compleet te maken." [031] Het middel wordt niet gebruikt in problematische situaties. Men moet ervoor in de stemming zijn en het liefst wordt in een vertrouwde setting gebruikt. "Ik moet er ook net voor in de stemming zijn. Als ik er nu aan denk denk ik, 'liever niet'. Ik heb het eigenlijk ook niet zo nodig." [095] "Ik zal niet zomaar op een feestje, waar anderen gebruiken, gaan gebruiken. Je ziet dat wel op feestjes, dan komt er een spiegel op tafel, nou daar wil ik op dat moment niet bij horen. Zoiets van jullie doen dat maar lekker in het openbaar, ik hoef dat niet op die manier. Ik vind het toch iets persoonlijks. We hebben ook weleens dat er mensen meekomen met vrienden van ons en die het gewoon eng vinden, of daar heel ver vanaf staan, dan blijft het toch lekker weg. Je moet anderen daar niet mee choqueren, of weet ik veel en daar hou je dan op dat moment rekening mee." [032] Het gebruik mag ook absoluut niet in conflict komen met andere belangrijkere dingen in het leven, zoals bijvoorbeeld werk. Het wordt daarvan strikt gescheiden gehouden en als zich conflicten voordoen delft cocaïne het onderspit. "Het is niet zo dat ik met m'n neus ergens achteraan moet gaan lopen hobbelen van ellende. Dat heb ik er niet voor over." [076] "Als ik werk dan hou ik me daar heel ver buiten, dan zou ik dus ook niet gebruiken, gewoon door de weeks dan nee. Dat is voor mij echt heilig, ik voel me zo verantwoordelijk voor m'n werk dat ik dat niet kan combineren. Nooit nee never, never nooit niet. Ik zou er niet eens aan denken, zelfs niet een pakje in m'n zak te laten zitten. Nee in m'n werk ben ik gewoon clean, niks op." [032] Het geringe belang blijkt eveneens uit het feit dat het kostenaspect voor velen zwaar weegt. Er worden afwegingen gemaakt en gezien het beperkte belang geeft men het geld liever aan andere dingen uit. Men zal zich er niet voor in de schulden steken. "Ik koop het zelf niet, vind het te duur." [097] "Eigenlijk heb ik helemaal geen zin om geld daaraan uit te geven. Dat geld heb ik er ook niet voor. Voor een keertje heb ik het er wel voor over. (...) Als ik zou willen kopen dan zou ik het kunnen betalen, maar dan zou ik niet zoveel kopen." [095] Een ander doel in het leven is belangrijker dan cocaïnegebruik. "Bij een ander zie je wel dat het ook fout kan gaan. En ik zei al dat ik een bepaald doel heb in mijn leven, ik heb iets achter mij staan." [056]
5.4.4    Problematische aspecten
Voor dit type heeft het gebruik van cocaïne geen problematische aspecten. Zelf heeft men niet of nauwelijks negatieve effecten ondervonden. "Geen problemen mee. Ik denk dat ik eerder problemen met drank zou krijgen, om zo te zeggen dan vanwege de cocaïne. Ik ken ook niet echt anderen die er problemen mee hebben. Je hebt het zelf in de hand." [091] "Ik heb er geen negatieve ervaringen mee." [087] Door hun incidentele gebruik, langere perioden van niet gebruiken en stoppen als er geen geld voor is, zien zij zich zeker niet als verslaafd. "Als ik het niet gebruik dan mis ik het totaal niet. Ik heb ook nooit geloofd dat het verslavend is, cocaïne. Ik geloof ook niet dat het wetenschappelijk bewezen is. Het is volgens mij heel erg sterk gewennend, maar om nou te zeggen dat ik loop te trillen als ik het drie maanden niet gezien heb, nee. Maar misschien dat je daar weer te weinig voor gebruikt hebt, ik weet het niet." [076] "Ik weet dat wanneer je eraan verslaafd raakt het meer een psychische verslaving is dan een lichamelijke. Dat speelt echter bij mij geen rol." [087] Stoppen, ook al is het voor langere perioden, vormt geen enkel probleem. Craving is voor hen een onbekend verschijnsel. "Ik heb het een jaar of twee niet gebruikt. Ik had er ook geen verlangen naar. Ik had eerder zoiets van, 'ik hoef het niet te hebben'. Het blijft gevaarlijk. Het is een soort zelfbescherming. Ik heb nooit langere perioden achter elkaar gebruikt." [095] "Ik mis het niet als ik niet gebruik." [097]
Toch zijn zij zich wel bewust van de gevaren die aan het gebruik kleven. De negatieve aspecten kent men niet uit eigen ervaringen, maar uit ervaringen van anderen in hun omgeving. Dit vormt ook een van de reden zelf niet te veel en te vaak te gaan gebruiken. "Voor mezelf niet negatief. Bij meer gebruik worden mensen wel harder. Zelf merk ik natuurlijk niet dat ik harder word, maar ik denk niet dat dat het geval is. Coke verandert je levensstijl, je wordt harder maar niet alleen doordat je gebruikt, maar ook doordat je minder slaapt en op een ander niveau leeft. Het kost veel geld. Je ritme verandert, je eet minder. Dat is niet gezond. Coke is een rare verslaving. Je kan jezelf goed in stand houden, je kan ambities hebben, kan door gaan met het leven waar je mee bezig bent. Het kost je wel veel geld, maar dan ook weer niet zo ontzettend dat je aan de grond zit of zo, dat kan wel, maar je kan ook wel een maand niet gebruiken, maar je bent dan echt wel verslaafd." [097] "Ik heb wel mensen zien veranderen. Er constant mee bezig zijn, toch proberen overal een snuifje mee te pikken. Die mensen worden paranoia en agressief. (...) Daarom heb ik er ook een rem op zitten. Coke gebruiken moet leuk blijven." [095] Men is zich bewust van de fysieke aanslag die het op het lichaam betekent, zeker als daarnaast ook nog alcohol gebruikt wordt. "Alcohol heeft dan minder invloed op je. Dat vind ik op zich het gevaarlijke ervan, hoor. Ik probeer dan ook de alcoholproductie wat minder te laten zijn op zo'n avond. Dat lukt de ene keer beter dan de andere keer. Dat hangt een beetje van je stemming af. Ik denk dat je wat dat betreft goed moet weten waar je mee bezig ben. Dat je niet van twee walletjes moet snoepen om het zo maar even te zeggen." [076]
Ondanks hun niet altijd even ruime financiële positie, levert het gebruik in dit opzicht geen problemen op. Ten eerste gebruikt men erg weinig en ten tweede wordt er niet gebruikt als er geen geld is. Uit het bovenstaande blijkt dat men het geld er vaak niet voor over heeft. Afgezien van wat zwart werk, een enkele winkeldiefstal en het op kleine schaal dealen van hasj, is er geen sprake van criminaliteit. Dit staat overigens los van hun cocaïnegebruik. "Ik wil niet zo, wat je inderdaad ook ziet bij degenen waar wij het halen. Die hebben geen werk, zijn afhankelijk van een uitkering, die moeten gewoon allerlei verschrikkelijke dingen, waar ik niks mee te maken wil hebben, moeten ze uitvoeren om aan hun coke te komen. Ik wil niet zo'n cokegebruiker worden, een stukje luxe en ja dat kan ik betalen en op die basis snuif ik." [032] Geen van de respondenten heeft contact (gehad) met de (drugs)hulpverlening.
5.5    Het distinctieve type
Zes respondenten vormen de basis voor de beschrijving van het distinctieve type. Vijf respondenten zijn van het mannelijk geslacht. De gemiddelde leeftijd is ongeveer 33 jaar. Bij dit type speelt cocaïne een zekere rol binnen de levensstijl. Het gebruik ligt ingebed in een subcultuur waarvan men (tijdelijk) deel uitmaakt. Binnen de groep speelt het zich onderscheiden van anderen en zich afzetten tegen de meer gevestigde orde een belangrijke rol. Het gebruik van drugs, waaronder cocaïne, biedt de mogelijkheid zich samen af te zetten tegen meer burgelijke waarden en normen, waarbinnen drugsgebruik wordt veroordeeld. Door het middel verschaft men zichzelf ook een zekere identiteit. Men behoort tot een 'selecte' groep van gebruikers. Het gebruik is in vele opzichten (initiatie, verloop en eventuele abstinentie) ook sterk aan die groep gebonden. In bepaalde kunstenaars-, krakers- en punkscene's heeft het middel een tijdlang deze rol gespeeld. Gezien het huidige wijd verspreide karakter van cocaïne onder alle lagen van de bevolking, lijkt de rol in dit opzicht uitgespeeld. Met andere woorden: het is aannemelijk dat dit type cocaïnegebruiker langzamerhand verdwijnt.
5.5.1    Sociaal-economische achtergrond en status
De respondenten zijn afkomstig uit de middenklasse of een geschoold arbeiders-milieu. De beroepen van de vaders lopen uiteen van schilder tot beroepsmilitair. "Mijn vader was scheepsmakelaar en mijn moeder was maatschappelijk werkster." [103] "Hij was in principe gewoon scheepsbouwer, in Z. Echt een arbeidersmilieu, dat kan je wel zeggen." [051] De opvoeding verloopt niet altijd even vlekkeloos en wordt gekenmerkt door een aantal problemen. Door de drang om zelfstandig te leven en het zoeken van een eigen weg, komt men op den duur in conflict met de ouders. Afhankelijk van de omstandigheden gaan zij dan ook, vroeger of later, de deur uit. "Mijn moeder stond er wel achter dat ik naar de academie ging. Van mijn vader weet ik het niet. Achteraf heeft hij wel vaak gezegd; 'Ik wou dat je gewoon secretaresse was geworden.' Op het laatst werd ik vitterig op mijn vader en hij op mij, dus het was hoog tijd dat ik uitvloog." [005] "Ik ben in Nederland geboren. Mijn moeder is Nederlandse en mijn vader is Moluks. Dus twee culturen met de bijkomende problemen. Bijvoorbeeld een identiteitscrisis van 'wat ben je nu wel en wat ben je niet?'. Ja, een beetje op twee benen hinken zal ik maar zeggen. Mijn ouders waren niet erg stabiel." [047] Door deze problemen wordt de schoolcarrière tijdelijk onderbroken. Een periode die overigens vaak samenvalt met het gebruik van drugs. "Toen ben ik naar de HTS gegaan. Daar heb ik weer een jaar gezeten, maar ik had gewoon niet echt zoveel zin er meer in. Ik was bezig toch om wat meer ruimte voor mezelf te zoeken." [078] "Startte mijn carrière flitsend, ik ging gelijk naar het Atheneum. Toen kwam de puberteit, die was nogal lastig. Toen ik in het derde jaar kwam, ging ik een paar niveaus lager. Ongeveer veertien was ik toen. Ik ging naar de MAVO. De MAVO heb ik op mijn sloffen gedaan. Toen de HAVO in '83, toen was ik 16. Uiteindelijk in de eindexamenklas begon ik dus met drugs en haalde ik mijn eind diploma niet." [047] Uiteindelijk heeft men toch allemaal de draad weer opgepakt en een studie afgerond. Twee respondenten zijn nu nog bezig met een universitaire (avond)opleiding. "Ik wilde wel wat anders, maar kon niet van de MAVO naar de Universiteit. Ik moest een jaartje HBO hebben, vandaar de Sociale Academie." [103] "Daarna heb ik Sociale Academie gedaan. Het MBO, dat heb ik wel afgemaakt. Ze praatten er alleen maar, een beetje een zeik-opleiding. Ik heb het gehaald in '89. Twee jaar geleden nu." [047]
Voor zover er sprake is van een werkloopbaan, heeft deze een grillig karakter; veel wisselende baantjes die vaak van korte duur zijn. Slechts één respondent heeft ten tijde van het interview een reguliere baan. Voor de overige respondenten vormt een uitkering de voornaamste bron van inkomsten. De inkomenspositie van de respondenten is niet riant te noemen. Via verschillende nevenactiviteiten, soms in de vorm van zwart werk, wordt het inkomen een beetje aangevuld. "Ik studeer met een uitkering want ik ben avondstudent. Dat is RWW, 1.045 gulden per maand. Daarnaast verdien ik nog wat bij. In de zomer heb ik het wat ruimer." [103] "Ik heb nog in een discotheek gewerkt. Dat was in '89 in Y. Glazen halen, wel een lullig baantje, maar ik had het geld toen ook nodig." [051]
De meesten wonen op zichzelf, één respondent is getrouwd. Het uitgaan speelde vroeger een belangrijke rol. Nu is dat beduidend minder geworden. "In principe ben ik een stug uitgaanstype. Dat zit er nog van vroeger in denk ik, van thuis alles een beetje ontlopen. Op een gegeven moment was het te gek, vier, vijf dagen in de week. Van woensdag tot en met zondag. Dat was gewoon achterlijk. Maar sinds ik nu dat meisje ken, is het voor het eerst dat ik een weekend thuis kan zitten en het niet op mijn heupen krijg. Ook was het al wat minder, de vrijdag had ik al een beetje afgeleerd en de andere dagen ook." [051]
5.5.2    Drugscarrière
Er bestaat ruime ervaring met middelen als alcohol, cannabis, LSD, speed, paddestoelen en pillen. "Altijd al wel alcohol gedronken. We blowden ook. Ik heb in mijn jeugd eens een keer LSD gebruikt, speed heb ik ook eens gebruikt en marihuana, ook een keer paddestoeltjes." [005] "De eerste stuff kreeg ik van mijn broer. Eerst sitrol en later eens Turkse. We waren toen de binken van school. We waren sowieso de eersten die op school uit de toon vielen. Op school hadden we een leerlingenlokaal, daar blowden we dan. Op een gegeven moment deden we dat dagelijks, in de pauzes. LSD was op school via een hippie daar. We werden nieuwsgierig. Het was wat te heftig naar mijn zin. De hele punkscene zat op de speed, in het begin gebruikten we van die dexies. Dat snoof ik. Je kon lekker door gaan. We blowden en dronken er ook bij. Later gebruikten we ook pep." [103] Binnen de verschillende middelen die vooraf gaan aan het gebruik van cocaïne speelt speed een belangrijke rol. "Speed dat kreeg ik wel van iemand, in de kroeg meestal." [005] "Ik had niet in de gaten dat je de rest van de nacht niet meer kan slapen. Het is een soort chemische coke. Je hersens blijven doormalen, maar jij bent hartstikke moe. Dat ben ik toen veel gaan gebruiken, zo iedere week. Een nachtje of wat wakker. Ik sloeg wel eens een nachtje over, dat kon niet anders dan, maar dan hield ik gelijk een paar dagen rust." [051] Afhankelijk van de groep waarin men verkeert, komt men al dan niet in aanraking met heroïne. Soms gaat dit aan het cocaïnegebruik vooraf, soms volgt het nadat men cocaïne geprobeerd heeft. "Niemand gebruikte heroïne in onze kring, allemaal heel frisse mensen." [005] "In het begin werd er in die groep, die tegelijk met mij drugs gingen gebruiken, geen harddrugs gebruikt. Vooral drank en hasjisch enzo. En op een gegeven ogenblik, zo één voor één niet lang na mekaar, bijna het hele groepje belandde in de harddrugssfeer. Zo'n man of tien, randfiguren dan. Dat was binnen twee maanden gebeurd. Eerst speed, later werd dat coke en nog weer later heroïne." [051] Voor het merendeel van de respondenten blijft heroïne toch buiten beschouwing. Het middel heeft voor hen een negatieve klank.
Initiatie
De initiatie vindt plaats in de groep waarmee men al langer optrekt en waarmee ook al andere middelen worden gebruikt. "Ik denk dat het in 1979 geweest is, ik was toen een jaar of 24. We gingen altijd naar een kunstenaar, meneer X, want ik noem geen namen. We kenden elkaar van een café. Ik ging er heel vaak heen. Op een keer had hij cocaïne en was het heel vol daar. Het was op een zoldertje, een soort rokershol. Er was altijd drank en een hele kast met platen. Er kwamen altijd mensen langs en dan kwam er coke op tafel en iedereen zat zich daar goed aan te doen. Dat trok wel mensen aan." [005] "Na de speed-hausse raakten de mensen daar wat van van in de war, of werden er gek van. Ik ken twee mensen uit die tijd die zichzelf van kant hebben gemaakt in verband met speed. Ik werd zelf wat contactgestoord door blowen. Daar ben ik toen mee gekapt. Een groot deel van de scene is toen overgegaan op smack. Daar vielen ook harde klappen. Dat duurde ook ongeveer twee jaar. Daarna begon ik met coke." [103]
Op het moment dat men begint te gebruiken is de kennis omtrent cocaïne beperkt. Slechts een enkeling heeft zich voor het gebruik op de hoogte gesteld van wat cocaïne eigenlijk is. "Ik had niet zoveel ideeën over coke. Alleen een beetje sjiek. Ja ik wist wel dat je er niet verslaafd aan kon worden. Tenminste zo dachten wij erover." [005] "Ik wist dat het bestond en vaag wat je er van zou voelen. Ik vond het ook geen hard-dope. Eerst maar zelf gebruiken en kijken hoe het was." [103]
   
Verloop
De duur van het gebruik loopt uiteen van een half jaar tot 13 jaar. Na de eerste kennismaking met cocaïne neemt het gebruik in de meeste gevallen toe. De frequentie is wekelijks en de hoeveelheid ligt tussen de één en tweeëneenhalve gram. "Ik was een behoorlijke fan van coke. Soms snoof je flink door als je een avondje thuis zat. Dan snuif je om tien uur ieders twee lijntjes en voordat je weggaat nog eens drie lijntjes. In de kroeg ook nog eens een paar snuifies. Dan zit je op zeven lijntjes. Dat was niet iedere dag, maar toch wel twee keer per week." [005] "Het begint dat je zegt: 'Ik gebruik één keer in de maand coke'. Maar dan is het het volgende weekend en dan denk je 'het is al zo lang geleden, het kan nou wel'. Dan ga ik even halen. Dan is het al minstens een keer in de week, maar het werd al gauw van twee keer in de week tot drie keer in de week. (...) Ik ging ook steeds meer gebruiken, die lijn zat er wel in." [051] Ten tijde van het interview zijn twee van de zes respondenten gestopt met het gebruik. De overige respondenten gebruiken nog slechts sporadisch.
De circuits waarin gebruikt wordt beperken zich sterk tot de specifieke groep van min of meer goede vrienden. Bij de een betreft dit een groep voornamelijk bestaande uit kunstenaars. Bij de ander gaat het om mensen uit de krakers- of punkwereld, of een groepje uit het rock & roll circuit. "Met vrienden en collega-kunstenaars. Als er veel mensen waren dan waren er tien, maar soms was ik alleen en soms waren er zeven of vier. Het was wel zo dat er altijd wel iemand langs kwam, met de hoop dat meneer X zijn plaatje tevoorschijn haalde en daar een paar lijntjes op kwamen te liggen. Dat was wel leuker. Het was ook voor mij wel een reden om daar naar toe te gaan." [005] "Het speelt zich af bij jongens thuis. Sommige hadden al een eigen huis. Dat waren dan ook meer de verkapte jongerencentra. Dat vonden ze niet zo erg, zolang je maar drugs meenam. Zo had iedereen er voordeel van. Die stelden dan gewoon hun huis beschikbaar." [051] Zodra men ervaring heeft met cocaïne wordt het gebruik van speed drastisch verminderd. "Speed ging ik minder gebruiken want coke was lekkerder. Je werd er niet zo maf en opgefokt van. Er draaiden geen mensen door van coke. Het was een goed alternatief voor speed en je kon langer doorgaan. Coke vond ik wel leuk. Je had de klappen gezien die smack en speed en paddestoelen uitdeelden. Coke was een vervanging voor al die middelen." [103] Alcohol en hasj blijven een belangrijke rol spelen. Voorzover heroïne een rol speelt, blijft dit zeer beperkt en stopt dit na verloop van tijd. "Wij gingen meer whisky drinken in plaats van bier. Dat smaakte er veel beter bij. Door coke kon ik ook meer drinken, je werd totaal niet dronken." [005]
Aard van gebruik
De belangrijkste wijze van gebruik is snuiven. Af en toe wordt het wel gerookt. Chinezen en spuiten zijn uit den boze. "Wat ik het meest heb meegemaakt is thuis snuiven en dat is natuurlijk heel openlijk. (...) We snoven de hele avond eerst en dan gingen we op een gegeven moment uit. We namen dan eerst nog een snuif, heel spannend allemaal. En als we dan uit waren en er moest bij getikt worden dan had die jongen zo'n apparaatje. Dan had hij het thuis al voorgesneden en kon je het er zo uithalen. We bleven dan langer op de been, lekker fris voelde je je dan." [005] "De scene waar ik in zat was wat coke betreft alleen maar snuiven." [103]
Bij het beschrijven van de effecten wordt vooral het speciale gevoel van groepsgebondenheid en aanzien benadrukt. "Je voelde je met de coke helemaal bijzonder, je voelt je een soort koning. Als we dan coke op hadden dan gingen we ook naar een café en dan voelde je echt dat er drie koningen binnenkwamen, weet je wel. Dat is leuk van coke, maar op een gegeven moment dan voel je je heel stom en dan wil je weer jezelf zijn." [005] "Je voelde je gewoon fit, de bink. Je kan de wereld aan. Je hebt een vlotte babbel bij de vrouwtjes. Je had het idee dat het een bepaald aanzien had." [051] Na verloop van tijd geven de respondenten aan dat er ook negatieve effecten optreden. "De coke was wel een houvast en je voelt je er lekker door. Alleen het werkt op een gegeven moment omgekeerd. Zodra je het niet op hebt word je zelfs paranoïde en hartstikke onzeker." [051] "Achteraf voelde je je vaak rot." [005] Ook lichamelijk heeft het op den duur een minder positieve uitwerking. "Lichamelijk is het natuurlijk verwoestend, je hersenen vooral. Die worden zo aangetast. Bij mij is de schade nog beperkt gebleven. Je teert uit, geen trek meer in eten. (...) Ja en je hart. De celletjes die erin zitten worden beschadigd. Dan kan je op je dertigste zomaar een hartaanval krijgen. En je neus natuurlijk, dat snuiven. Ik heb gelukkig geen gat, maar dat zat er natuurlijk wel aan te komen. Het was altijd snotteren voor de rest van de dag. Ik maakte het altijd wel goed schoon, hoor. Met water en zout." [047]
De cocaïne wordt vaak in groepsverband gekocht. Soms is één van de groepsleden verantwoordelijk voor het kopen van de cocaïne. "Dat was een soort verlopen, beetje zo'n sjabby huiskamer. Altijd een jongen op de bank die wel veel cocaïne gebruikte. Echt een naast-de-maatschappij type. Er was nog een andere jongen die had wat harders, een wat heavier type. Op het verkeerde pad. Ze dealden geen heroïne. Toen was het zeker gescheiden. (...) We kochten nooit in kroegen, want dan heb je meer kans om minder goed spul te krijgen. Ze gingen ook soms de coke echt testen. Het was echt een hobby. Die jongen, waar ik altijd bij was, die had er verstand van." [005] Gekocht wordt er overwegend op huisadressen. Als de groep ook overgaat op het gebruik van heroïne, wordt er gezocht naar adressen waar beide middelen worden verkocht. Voor anderen beperkt het zich tot dat gedeelte van de markt waar alleen cocaïne wordt verkocht.
5.5.3    De betekenis en functie van cocaïne
Gedurende een bepaalde tijd speelt cocaïne een relatief belangrijke rol binnen de levensstijl van dit type respondenten. Het is gerelateerd aan de groep waarvan men op een gegeven moment deel uitmaakt. Het gebruik van verschillende middelen zoals hasj, speed en eventueel heroïne, past in het kader van het zich afzetten tegen en zich onderscheiden van andere (burgerlijke) groepen. Cocaïne past eveneens binnen dit subculturele kader en vormt tevens een goede vervanging van speed, waarmee de meeste respondenten (negatieve) ervaringen hebben. In verschillende opzichten, zoals bijvoorbeeld initiatie, speelt de groep dan ook een belangrijke rol. "Het was echt de tijd dat bepaalde mensen ermee begonnen. Dat waren vooral kunstenaars, heb ik het idee. ... Toen in die tijd, rond '79, gebruikten ze allemaal in het groepje van ons. Als er een leuk feest was, of als we zin hadden. Als we uitgingen dan maakten we er wat van. Het ging meer om het leuker te maken, spannend, om extra te genieten. Geen zwaar gebruik. Het was alleen ons groepje. Wij waren ook de enigen die in het café kwamen, die naar new wave luisterden. Wij waren een soort voortrekkersgroepje. Er waren toen nog veel meer kunstenaars, maar die gingen niet naar het café." [005] "Dat was toen ik nog op de kunstacademie zat. Je was natuurlijk niet helemaal vrij van de kunstenaarswereld, daarin werd gewoon gebruikt. Maar ook gewoon op een ongedwongen basis. Op zo'n feestje met allemaal aankomende docenten, dan had iemand coke. Daar werd dan erg geheimzinnig over gedaan. Die behoorde dan ook tot een selecte groep die het mocht gebruiken. Het was natuurlijk illegaal en een deel van de spanning was juist dat het illegaal was." [078]
Het groepsgebruik levert, naast een voorbeeldfunctie, eveneens een legitimatie voor het gebruik. "Kijk, als veel vrienden van je coke gaan gebruiken en voelen zich oké, dan is er helemaal niets louche aan. Ja, kijk als het heroïne was geweest dan...." [005] Het biedt hen de mogelijkheid hun identiteit te ontlenen aan de groep. "Ik gebruikte het meer omdat ik het leuk vond dat je je zo speciaal voelde. Je voelde je uitverkoren, heel sterk. En je zat bij een bepaald groepje. Dat was wel interessant." [005] "Er werd toen nogal veel over gezongen. Ik hou nog al van rock-muziek en op de een of andere manier werd de indruk gewekt dat dat bij het wereldje hoorde, meer als andere drugs. Het was voor mij iets stoers, van 'hé ik speel gitaar', en ik had zoiets van 'nou ben ik het ook'. Toen was ik 19." [047] De groep waarmee men gebruikt biedt de mogelijkheid zich af te zetten en daaraan wordt veel waarde gehecht. "Ik denk dat ik wel verslaafd ben aan stoute levensovertuigingen en ik wil niet binnen de burgerlijke moraal vallen." [096]
Het gebruik verliest na verloop van tijd deze distinctieve functie. Enerzijds wordt dit veroorzaakt door meer externe factoren, zoals het gewoner worden van het cocaïnegebruik. "Toen iedereen het ging gebruiken was het ook niet meer leuk en bovendien was het ook veel te duur. De sfeer was veel loucher geworden en de kwaliteit ook minder. Het waren toen ook andere mensen die coke gebruikten, die daar heel groot over deden. Dat vond ik niet zo. Daar had ik geen hoge pet van op. Stompzinning. Ik denk dat het meer verschuift naar drugsgebruikers." [005] Anderzijds zijn het interne factoren die een rol spelen. Men gaat anders tegen het middel aankijken en/of houdt de groep waarvan men deel uitmaakt eigenlijk wel voor gezien. "Ik was er ook anders tegenaan gaan kijken. Nadat ik een tijdje niet gebruikt had, vond ik dat je op eigen kracht je mannetje moest kunnen staan. Ik vond het toen kunstmatig. Ik heb wel kunnen voelen door de coke, hoe je je hoger, beter of sterker kunt voelen. Dus ik wist dat ik dat kon." [005] "Van de ene op de andere dag ben ik gewoon gestopt. Met koffie drinken, met hasj roken, met drinken, met coke snuiven, de hele mikmak. Dat was wel even wennen, ik ben ook direct gaan hardlopen, weer meer met mijn broers en zussen op gaan trekken. Wat meer bewust gekapt, ook met het hele milieu, het subcultuurtje. Ik ben ze ook gaan ontlopen. Even niks meer mee te maken willen hebben." [051] Ook voor de andere leden van de groep geldt dit in meer of mindere mate. "Verder zit ik alleen maar tussen mensen van mijn leeftijd, die hebben natuurlijk al van alles geprobeerd. Die keren terug naar de alcohol. Veel zijn wel lang doorgegaan met blowen. Misschien verander je wel als je ouder wordt. Ik hoor nooit meer iemand over coke. Het is niet meer sjiek, het is niet meer speciaal." [005] "Uit die groep zijn drie echte verslaafden gekomen, die gebruiken nu nog. De rest is er op de een of andere manier weer mee gestopt." [051] De langzamerhand optredende negatieve effecten die samenhangen met het gebruik, kunnen eveneens een motivatie vormen om te stoppen of drastisch te minderen.
5.5.4    Problematische aspecten
Geen van de respondenten beschouwt zichzelf als verslaafd. "Ik heb zelf ook nooit het gevoel gehad dat ik er verslaafd aan ben geworden." [005] "Niet elke dag, ik was niet echt verslaafd." [051] Ondanks het feit dat ze zich niet als verslaafd beschouwen, levert het gebruik toch op verschillende fronten problemen op. De fysieke problemen die men aangeeft, hebben betrekking op een kater de volgende ochtend, of een bloedneus na een nacht van intensief snuiven. Verder is het gebruik, gezien de geringe inkomsten van de respondenten, toch moeilijk te financiëren. "Ik zat op een gegeven moment op gemiddeld een halve gram. Dat was voor mij duur zat. Zo'n 75 tot 100 gulden per avondje. Daarbij gebruikte je ook nog andere dingen. Je wilde ook nog wat drinken. En ik was niet echt rijk." [051] Om de optredende financiële problemen het hoofd te bieden worden overwegend legale oplossingen gezocht. Dit houdt vaak in dat men het gebruik dan maar beperkt. "Ik pas mijn gebruik aan aan het geld." [103] Slecht een enkeling kiest voor een illegale oplossing, dit blijft echter een uitzondering. "Zo af en toe zette je een klein kraakje, maar daar hield ik op zich niet van. Ik deed ook nooit woninkjes, alleen bedrijven enzo. Achterlijk natuurlijk. Er waren er maar twee die ik echt vertrouwde en dan maakte ik met die een dealtje, gewoon sam sam. En zij zetten dan de kraak. Dan had je gewoon weer geld. Ik verkocht ook gewoon alles wat ik had." [051] Andere wetsovertredingen gaan meer aan het cocaïnegebruik vooraf of hebben te maken met het zich afzetten tegen de samenleving. "Vandalisme in de punktijd. Ik richtte me op vertegenwoordigers van het establishment. Het had een politieke achtergrond." [103] Zodra het gebruikt stopt of mindert, verdwijnen de eerder genoemde problematische aspecten. Op één uitzondering na hebben de respondenten geen contacten met de (drugs)hulpverlening.
5.6    Het hedonistische type
De beschrijving van het hedonistische type is gebaseerd op zes respondenten, waaronder één vrouw. De gemiddelde leeftijd bedraagt 23 jaar en is in vergelijking met de andere typen laag. Sex en drugs en rock &roll zou kunnen gelden als motto voor dit type. Het ongebreideld genieten staat voorop. Men is op zoek naar verschillende kicks die het leven spannend en interessant maken. Alles wat leidt tot meer genot lijkt min of meer geoorloofd. Er wordt ruim geput uit het gehele arsenaal van genotsmiddelen dat in onze moderne samenleving beschikbaar is en cocaïne is daar een van. Het staat ten dienste van het genieten en wordt gezien als hét genotsmiddel bij uitstek. Een aantal korte perioden waarin intensief wordt gebruikt zijn kenmerkend voor dit type. De hedonistische instelling kent echter wel zijn grenzen. Als het gebruik in fysieke, of financiële zin problemen oplevert die het genieten belemmeren, wordt het gebruik een tijd lang beperkt.
5.6.1    Sociaal-economische achtergrond en status
De sociaal-economische achtergrond varieert van arbeidersklasse tot hogere middenklasse. De vaders werken en de moeders hebben naast de zorg voor de opvoeding en het huishouden soms een baan. De opvoeding verloopt niet geheel vlekkeloos. Een eigen weg willlen gaan, het uitgaan en het niet afmaken van school, vormen belangrijke conflictpunten. Voor deze echt uit de hand lopen, gaat men meestal zelfstandig wonen. "Ik ben nogal lastig. Het was gewoon nodig. Ik hield er duidelijk andere ideeën op na." [004] "In die tijd kon ik goed met mijn moeder opschieten, met mijn vader niet. Dat had veel invloed." [066]
De schoolloopbaan wordt gekenmerkt door niet afgemaakte opleidingen. "Lagere school, HAVO, daarmee gestopt. Ging niet, puur uit verveling gestopt. Beviel niet, ik denk dat ik het wel had kunnen halen, maar ik had geen zin. Met 15, 16 jaar van school afgegaan. Meestal was ik de eerste twee uur sowieso niet op school, dan wilde ik uitslapen. En daarna was ik wel even op school, maar om 12 uur ook gewoon weer weg." [066] "Toen kwam ik in de brugklas van de MAVO/HAVO, en toen ben ik uiteindelijk op de MAVO terechtgekomen. Ik zit niet graag achter mijn boeken als ik weet dat ik lekker vrij ben." [064]
Een vaste baan vormt voor de meeste respondenten een onaantrekkelijk perspectief. Het regelmatige werken biedt op een of andere manier niet genoeg vrijheid. "Ik heb ook een half jaar gewerkt, maar dat beviel niet goed. Ik hou niet van regelmatig werk. Toen ben ik kroegen af gaan lopen. Heb een tijd in een new wave café achter de bar gestaan. In een andere was ik manusje van alles. Wat feesten hier en daar gedraaid. Tijdje werkeloos geweest. Tussendoor nog een half jaartje bij Y. gewerkt, om mijn leven weer wat op orde te krijgen, want dat ging allemaal met een sneltreinvaart." [066] Afgezien van één respondent die werkt, hebben de overigen een uitkering. Men beschouwt dit als een soort basisinkomen. Verschillende respondenten werken af en toe in de horeca (gedeeltelijk zwart) om hun inkomen aan te vullen. De inkomsten liggen tussen de 1.200 en 1.800 gulden per maand. "De uitkering, een soort basisbedrag, krijg ik één keer per maand. Dat is 1.100 gulden. In het weekend doe ik horecawerk, daar werk ik als barkeeper. Dat verdient goed en het is relaxed werk." [004] "Achthonderd gulden uitkering en ik verdien bij. Totaal ongeveer 1.800 gulden." [066]
Het uitgaan neemt een belangrijke plaats in binnen de vrijetijd. Een groot gedeelte van het geld dat men heeft, wordt geïnvesteerd in het stappen. "Ik slaap niet zo veel, ongeveer zes uur per dag, dus naast het werken en schilderen hou ik wel vrije tijd over. Ik ga veel uit. Ik heb heel veel contacten in de horeca, rock &roll en beeldende kunst. Ik hou van een biertje en een beetje fladderen." [004] "Op de dagen dat ik vrij ben, ben ik een of twee dagen thuis, de rest ga ik stappen. Ik heb een stamkroeg waar ik meestal begin en ga door tot zeven uur 's ochtends. Geef ik veel geld aan uit, 300 tot 500 gulden per week." [066]
5.6.2    Drugscarrière
Pre-cocaïne periode
Alcohol en cannabis zijn de eerste middelen waarmee men in aanraking komt. In eerste instantie is het gebruik nog enigszins ingeperkt, maar zodra ze het ouderlijk huis verlaten neemt het toe. "Dat begon in dat jongerencentrum natuurlijk. Je gaat uit huis en je heb eindelijk die vrijheid die je wil hebben en dan ga je uit, dan mag je uit. Die ouderlijke macht is er dan niet meer. Lekker laat in bed." [107] "Toen begonnen we op ons twaalfde al. Je spaarde wat van je zakgeld en dan gingen we Grolsch-beugels halen, van die halve liters en een fles Pisang Ambon. Lekker dronken worden. En dan tot half 11 stappen, dat was toen nog stappen, en dan was het gebeurd. En zaterdags meestal een feestje of ergens video-avond. Het zal een half jaartje later geweest zijn en toen kwamen jongens van 15, 16 die er allemaal heen gingen en die begon je ook allemaal te kennen. En dan begon iemand met een blowtje op te steken. En toen werd het in plaats van bier kopen, hasj kopen van je zakgeld. (...) En later paddestoelen. Dan begon je wat meer te trippen." [064] Ook middelen zoals speed, LSD, paddestoelen worden gebruikt. Voor men begint met cocaïne, hebben de respondenten al een ruime ervaring met deze middelen. Heroïne vormt echter een uitzondering. "Nou van alles wel. Ja, speed dan, en LSD's. Ja dat was wel te gek ook. Echt wel peaceful, dat was echt grijs." [037]
Initiatie
Het eerste contact met cocaïne vindt vaak plaats in het uitgaansleven. De leeftijd waarop het eerste contact plaats vindt ligt rond het negentiende jaar. "Een jaar of vijf geleden. Ik had toen een vriendin die werkte in een café en ik kwam haar vaak ophalen. Dan gingen we naar een ander café en daar werkte toen een jongen die in de rock &roll scene zat. In die scene werd veel cocaïne gebruikt. We gingen toen veel uit. (...) Ik vond het wel lekker, je wordt er wel gezellig van." [004] "Toen ik een jaar of 16 was begon ik met snuiven. Het begon met coke. Ergens in een halletje. Een paar keer mee doen met iemand, die ging het dan halen, en toen zelf kopen." [064] Soms gebeurt de initiatie op een feestje met vrienden. De eerste ervaringen met cocaïne zijn meestal positief. "We hadden allebei ons loon gekregen en wilden wel een feestje geven. Toen stelde de onderbuurman voor wat coke te gaan halen. We hadden zoiets van waarom niet. Het was een heel festijn. In de middenkamer lagen alle drugs en de keuken stond vol met drank. Toen heeft hij gezorgd voor twee gram coke. Toen lekker gebruikt. Het was heel gezellig met vrienden. Daarna nog wezen stappen en toen merkte ik wat het was. Blijven zuipen en je werd maar niet dronken. Je kon doorgaan met dansen en gek doen, ik was helemaal van de wereld. Niks kon me deren, dat was heerlijk. Dat was de eerste keer. Het was meteen raak en ik hield er geen kater van over." [066]
Verloop
De duur van gebruik ligt rond de vijf jaar. Er is geen eenduidig patroon, wel zijn de respondenten na verloop van tijd vaker gaan gebruiken. "Ik ben het wel vaker gaan gebruiken. Er is een tijd geweest dat het heel veel is geweest. Ik leerde toen ook steeds meer mensen kennen, ook steeds meer interessantere mensen. Op een gegeven moment is het heel veel geworden, maar toen was mijn vriendin wat verder in haar studie en ging minder uit. Ik verwaarloosde mijn werk toen ook een beetje. Ik zat meer in de kroeg dan dat ik wat deed." [004] "Toen ben ik dus in de horeca gaan werken en twee jaar geleden, of twee en een half jaar geleden, ben ik wat regelmatiger gaan gebruiken. Dan de drukke maanden zoals december, als je heel veel werkt, dan heel veel." [093]
Het gebruik blijft overwegend beperkt tot twee à drie keer per week. Er zijn echter regelmatig perioden dat er meer gebruikt wordt. Het kan dan oplopen tot dagelijks gebruik. Deze perioden zijn echter meestal niet van lange duur, omdat dit frequente gebruik het genieten in de weg staat. Gemiddeld ligt het gebruik tussen de één à twee gram per week. "Ik gebruikte zo'n halve gram per dag, soms minder, in ieder geval nooit meer. Maar als je dat dagelijks doet is het in ieder geval te veel. Je merkt het in je gezondheid, je krijgt dan ook dat je er echt zin in hebt, dat je het ook gaat zoeken. Dat het niet gezellig is als er geen cocaïne is, weet je wel." [004] "Net een week of vijf achter de rug. Het waren ook weer een paar feestweken voor mij. Nou ja waarom niet, ik had het geld, en het was makkelijk te krijgen. Twee gram per week, afgelopen maand een grammetje of zeven, dat was een goeie periode. Een halve gram per keer, dat gaat er in vier keer door heen." [066]
   
Het gebruik is zeer nauw verweven met het uitgaan. Men heeft een ruime kring van vrienden of kennissen, die men via het uitgaan kent. Dit vormt ook de voornaamste groep waarmee men gebruikt. Thuis wordt slechts met grote uitzondering gebruikt. "Het is nogal een sociaal gebeuren. Het is niet iets wat je thuis gebruikt en dan naar de tv gaat zitten kijken ofzo. Het is wel echt een gezelschapsgebeuren. Altijd al gekoppeld aan uitgaan en dat is nog steeds zo. Het slaat nergens op om dat te doen als je thuis zit. Daar is het gewoon het spul niet naar. Dus bij uitgaan, op feestjes enzo." [004] "Met vrienden, ook wel alleen maar dan kom je wel weer mensen tegen, of op feestjes waar ik mensen ken. Thuis niet, thuis drink ik ook niet. Ik heb nooit alcohol in huis." [066] Er wordt ook voornamelijk in of rond uitgaansgelegenheden gebruikt. "Het speelt zich wel allemaal op toiletten af. Je loopt naar de wc, neemt een lijntje en trekt door. Je gaat wel alleen, natuurlijk, want zo gauw je met z'n tweeën naar de wc gaat is dat verdacht natuurlijk." [004] "Tijdens het uitgaan, in de auto. Tijdens het uitgaan in een portiekje. In het begin was het wat meer bij iemand thuis en later wat meer bij het uitgaan." [064] Ook op feestjes wordt gebruikt. "Ik ben ook wel op feestjes geweest waar 20 gram op tafel ligt van allemaal juristen en studenten recht. En vakantie-huisjes Ameland en Texel waar per weer 20 gram heen gaat. Ik kwam meestal op die feestjes via vrienden en bekenden." [093]
Alcohol en cocaïne worden meestal samen gebruikt. Daarnaast worden hasj, weed, speed, LSD en XTC gebruikt. "Met XTC heb ik ook ervaring. Dat is nou echt een drug van tegenwoordig. Het is nou coke of XTC. De afgelopen maand heb ik vrij veel gebruikt. Dit is wel een vrij heftige maand geweest. Ik woon nu net op mezelf, anderhalve maand ofzo, en Jan en alleman komt langs met allerlei drugs. Deze maand heb ik twee tripjes gehad, twee dagen speed gebruikt en een gram of zes wit denk ik. Dat vind ik wel erg veel. En ja, pillen elk weekend. Een of twee. Dat is dan XTC." [064] Speed wordt voornamelijk gebruikt als er geen geld is om cocaïne te kopen. "Maar toen ook speed, dat was dan wat goedkoper, 25 gulden voor een halve gram. Nou, daar kon je niet voor tobben, nog goedkoper als weed. Snuiven en er bommetjes van maken. En medicijnen en pillen uit elkaar halen en die vol stoppen. Daar gaat behoorlijk wat in, maar je moet wel kijken wat je er in doet natuurlijk, anders krijg je opeens grote ontploffingen in je hersenen. Je moet wel weten hoeveel je kan hebben. Een overdosis dat moet me niet overkomen." [064] "Alles wat ik de eerste keer nam, dat was dubbel. Twee tripjes, XTC twee capsules, bommetjes ook twee. Zes keer achter elkaar snuiven en paddestoelen ook twee keer genomen." [064] Ondanks dat er vele middelen worden gebruikt, wordt er een duidelijke grens getrokken als het gaat om heroïne. "Echt heroïne dat durfden we dan weer niet. Ik denk dat dat door de scene komt, je krijgt dan echt dat junken-gedrag. Cocaïne heeft toch iets. Tenminste de mensen die ik ken die het gebruiken hebben allemaal een baan of studeren enzo. Geen autoradio's. Ik ken dan wel een paar mensen die heroïne gebruiken of gebruikt hebben, maar dat zijn dan toch wel mensen die me niet zo erg liggen." [004] "Ik snuif en doe bommetjes. Ik spuit absoluut niet. Ik bedoel, ik zou niet eens durven om een naald in mijn arm te stoppen. Nee, want voor je het weet zit je aan de heroïne. Ik heb geen ervaring met heroïne gehad." [064]
Aard van gebruik
De belangrijkste wijze van gebruik is snuiven. Daarnaast wordt nog wel eens gerookt (coke-blow). "Ik heb wel gesnoven en plofjes gerookt. Maar als je er een stuk of wat weg hebt zitten roken, dan word je er zo loom en zo duf als de pleuris van. Je hebt nergens geen zin meer in, alleen op de bank zitten. Dus dat doe ik ook niet meer, plofjes roken. Het is net zo iets als zwaar dronken zijn." [064] Van gebruikswijzen als chinezen, basen en spuiten moet men niets hebben. Men kent negatieve voorbeelden uit de eigen omgeving en dit weerhoudt hen ervan.
De effecten die men beschrijft hebben bijna allemaal te maken met genieten. "Je wordt er lekker los van. Ik krijg er een beetje vrolijk, bravoure-achtig gedrag, een beetje snel gevoel van. Leg ook heel makkelijk contacten, met mensen die je anders niet zo snel aan zou spreken, het heeft ook een sexueel tintje. Je spreekt sneller vrouwen aan die je interessant vindt. Ik word er een beetje uitbundig van." [004] "Je voelt je wel lekker, je voelt je zeker van je zaak. Goed bij de vrouwen, je kunt lekker babbelen. Je voelt je overal wel blij mee en happy." [064] Deze effecten kan hen wel eens in situaties brengen waarvan men achteraf spijt krijgt. "Dan word je weer wakker bij een of andere dame onder een reliëfposter van een herdershond ofzo. Daar heb je dan toch wel spijt van. Dat zou je dan niet doen als je niet gesnoven hebt." [004] Het langer doorgaan is een effect dat men wel constateert, maar dit vormt geen belangrijke reden om te gebruiken. Daarvoor is speed een veel probater en goedkoper middel, zo is de opvatting. "Langer doorgaan vind ik niet echt een reden om coke te gebruiken. Je kunt er niet echt langer mee doorgaan. Je voelt je beter in je zelf. Maar niet om langer door te gaan. Dan moet je speed gebruiken. Of XTC, daar kan ik niet op slapen. Maar op coke kan ik nog wel slapen." [064] Verschillende respondenten geven aan dat zij ook in relatie tot sex wel eens cocaïne gebruiken. "In combinatie met sexualiteit vind ik het wel leuk. Je kan er lekker lang mee vrijen. Het heeft iets. Langer doorgaan en intenser ervaren ook. Alhoewel, het hoeft niet. Dat is ook het nadeel van coke, als je coke gebruikt, je gaat er ook heel veel bij drinken. En in mijn geval dan vind ik bier opeens niet meer lekker, dus ga ik whisky's drinken enzo. Dan is dat natuurlijk niet echt goed voor de potentie." [004] "Je wordt niet moe met coke, het verlegt grenzen. Je komt iets heftiger klaar, het is allemaal iets heftiger." [066]
De respondenten kopen voornamelijk zelf, zeker zodra men weet waar het te koop is. Het voornaamste circuit waar gekocht wordt is dat van de uitgaanswereld. Verder wordt nog wel eens bij huisdealers gekocht. De markt is gescheiden van die van de heroïne. "Een vriend van mij, een horecakennis, had een snuif aangeboden gekregen die goed was. In eerste instantie mocht ik niet weten van wie die kwam, toen bleek het een vriend van me te zijn. Hij dealt alleen coke. Het zijn geen echte professionele coke-dealers, maar jongens die het er een beetje bij doen. Moet je wel van te voren bestellen. Ik ken ze via een disco. Ik ben altijd geïntroduceerd, dat vond ik wel plezierig. Ik betaal liever wat meer dan weet je tenminste dat je wat goeds krijgt." [066] "Ik heb nu een vaste dealster. Gewoon coke, alleen coke. Ze houdt niet van junks aan de deur. Ik zie daar ook allemaal bekenden binnenkomen als ik daar op visite ben, zo van 'jij ook'. Die schrikken dan." [093]
5.6.3    De betekenis en functie van cocaïne
Genieten staat min of meer centraal binnen de stijl van leven en er zijn veel middelen zoals alcohol, hasj, LSD, XTC en speed, die daartoe kunnen bijdragen. Het gebruik van drugs is als vanzelfsprekend aan genieten gekoppeld en soms wordt ook het hele arsenaal van genotsmiddelen aangesproken. "Ik gebruik vaak samen. Mijn oudejaarsavond van dit jaar, dan zal ik eens vertellen hoeveel ik op heb. Ik heb acht flesjes bier verwerkt, ieder een gram wit, ieder een halve gram speed, bommen en snuiven, twee XTC-pillen en dan nog honderd gulden hasj. O ja, en nog wodka gedronken en rum. Een fles. Toen ben ik dus ook om zeven uur 's ochtends tegen de vlakte gegaan." [064] Cocaïne past uitstekend in dit rijtje en wordt gezien als een genotsmiddel bij uitstek. Het heeft bijvoorbeeld een veel minder negatieve uitwerking dan speed, dat alleen gebruikt wordt als men weinig geld heeft en meer beschouwd wordt als 'poor man's coke'. Cocaïne wordt gebruikt om echt te genieten. "Om te genieten. Je kan de wereld aan, je voelt je oppermachtig." [066] "Niet om me af te zetten. Lang leve de lol. Het ritueel speelt ook mee denk ik. Zo van stiekem op de wc is leuk. Je ziet jezelf dus staan en dan denk je van 'jezus' en het is toch leuk van de kick. Zo van leuk iets doen wat niet mag. (...) Je moet toch iets hebben om even uit je dak te gaan. Andere mensen drinken constant." [093] "Ik gebruik cocaïne omdat ik uit mijn bol wil gaan. Kijk, de hele week zit je al in dat normale leven en dan is het weekend toch een party hoor. En daar moet ik wel wat middelen bij gebruiken om uit je bol te gaan." [064] Het zoeken naar kicks speelt een belangrijke rol en dit wordt regelmatig benadrukt. Het kan op verschillende manieren en zelf gebruikt men daar onder ander cocaïne voor. "Je moet toch ergens je kick uit halen. De ene doet het met kinderen en de andere doet het met coke." [093]
De cocaïne past in een levensstijl die getypeerd kan worden als 'sex en drugs en rock &roll'. Een stijl van onbekommerd en onbezorgd genieten. "Als je gewoon een lijntje coke neemt en je neemt daarna een cokeblow, dan zit je met die cokeblow in je hand en kijk op dat moment, als nou de rest van de wereld ontploft weet je wel, dat maakt helemaal niets uit want je gaat helemaal uit je dak. Maar een kwartier later denk je van 'eh hakke!'" [037] Het belang van genieten en het zoeken van kicks zorgt echter ook voor een rem op het gebruik. Wanneer er te veel gebruikt wordt kunnen er problemen onstaan met betrekking tot gezondheid en financiën. Er kan dan niet echt meer genoten worden, omdat de problemen het genieten in de weg staan. In dat geval wordt er een periode niet of minder gebruikt. Andere drugs zoals bijvoorbeeld hasj, alcohol of speed kunnen dan als het ware even de functie van cocaïne over nemen. "Maar als je dat dagelijks doet is het in ieder geval te veel. Je merkt het in je gezondheid, je krijgt dan ook dat je er echt zin in hebt, dat je het ook gaat zoeken. Dat het niet gezellig is als er geen cocaïne is, weet je wel. Toen ben ik heel duidelijk gaan minderen." [004] "Ik heb wel eens een periode gehad dat ik er mee gestopt was, dan werd het opeens te veel. En dan anderhalf maand alleen maar blowen. En nu heb ik een beetje schoon genoeg van het blowen, nu ben ik met blowen aan het stoppen. Maar dat is misschien ook wel verkeerd, met soft stoppen en met hard doorgaan." [064] Zodra echter de problemen verdwenen zijn, wordt er weer meer gebruikt, zeker als er in financieel opzicht voldoende ruimte is. "Al zou ik 4.000 verdienen, het zou nooit genoeg zijn. Ik heb echt een gat in mijn hand. Ik weet niet hoe het komt, als ik geld in mijn handen heb is het zo op. Achteraf denk ik wel eens waar is het nou aan op gegaan. Ik houd er niets materialistisch aan over. Het is allemaal opgegaan aan snoep en cafeetjes, en softdrugs en harddrugs en uitgaan. Ik houd er niets van over." [064] "Niet dat ik het zelf zo vaak koop, want daar heb ik gewoon geen geld voor. Kan je beter goedkopere dingen voor kopen. Maar af en toe dan weet je wel, dan heb je opeens weer een beetje geld, ja af en toe dan effe knalle!" [037]
5.6.4    Problematische aspecten
Het gebruik kent voor dit type een aantal problematische aspecten, deze liggen voornamelijk op het fysieke en psychische vlak. Ze doen zich vaak voor na een periode van intensiever gebruik. "Na zo'n gebruiksperiode heb je een tijdje dat je down en depressief bent. Zeker na zo'n langere periode kan dat soms best wel heftig zijn. Ik stop dan ook even met drinken, een tijdje. Ik ga dan andere dingen doen en dan gaat dat vanzelf over. Wat meer werken." [066] "Ik heb wel af en toe eens een bloedneus gehad van coke. En een beetje een lichte hoofdpijn bij het opstaan, misschien. Ik ben natuurlijk ook niet zo'n heftige gebruiker. Als ik een bloedneus krijg dan is dat voor mij ook absoluut een reden om dan te stoppen. Dan ga ik toch wel even nadenken hoeveel ik gebruik en als het teveel is dan stap ik een paar weken eruit." [064] Een van de respondenten is ten tijde van het interview gestopt. Dit na een acute opname in het ziekenhuis, omdat hij problemen kreeg met zijn hart. Als echt verslaafd beschouwt men zich niet. Maar af en toe wordt men wel eens gedwongen daar vraagtekens bij te plaatsen. "Ja, helaas het verlangen naar coke zegt mij wel iets. Ik probeer zelf een beetje af wisselen met drugs, dat ik niet al te verslaafd raak. Daar ben ik toch wel een beetje bang voor dat dat gaat gebeuren. Ik zou soms best wel eens een shotje willen hebben. Dat is dus eigenlijk wel verkeerd aan het gaan. Ik bedoel, je hebt ook mensen die echt verslaafd zijn, die er constant aan lopen denken. Geld aan het tellen en apart leggen. Nou, zo erg is het dan nog niet met mij, maar af en toe denk ik er toch wel aan. Als ik geen geld heb, dan kan ik me daar ook wel bij neer leggen. Ik pik niets ervoor ofzo." [064]
Geen van de respondenten is door het gebruik financieel in de problemen gekomen. "Ik heb wel eens geld moeten lenen, om rond te komen. Als ik uit moest gaan ofzo en als ik geen geld genoeg had, dan moest ik wel eens lenen. Niet speciaal voor de drugs. Dat kon ik ook altijd weer terug betalen." [064] Naast zwart werken is er een drietal respondenten dat via dealen nog wat inkomsten verwerft of verworven heeft. "Ik ben vorig jaar dus huisdealer geweest. (...) Vroeger deed die vriend van mij dat dus en op een gegeven moment belde de organisatie hem op of hij dat dat jaar ook weer wilde doen. Maar hij had er niet zo'n zin in. Ik was toen bij hem een klus aan het doen en toen vroeg hij of ik dat wilde doen. Dat was wel leuk. En die organisatie wilde toch iemand hebben die bekend is, maar die niet bekend staat als dealer. Niet zo'n heftig type met zo'n zonnebril en een glimmend jasje." [004] "Vroeger heb ik wel eens gedeald, eventjes. Dan verdiende ik wel een zakcentje bij, maar niet dat ik een extra inkomen erbij had. Dan verdiende ik er misschien een tientje op per gram coke. Dan had ik mijn eigen softdrugs weer." [064] Het betreft overwegend dealen op kleine schaal. Een van de respondenten dealt op grotere schaal, maar wil daarover geen verdere mededelingen doen.
Geen van de respondenten heeft in verband met cocaïnegebruik contact gehad met de (drugs)hulpverlening. Op het moment dat zich problemen dreigen voor te doen, beperkt men het gebruik. Zelf huldigen zij de opvatting dat zij er goed mee overweg kunnen, maar het blijft een middel waarmee men moet oppassen. "Je moet heel sterk zijn om goed met cocaïne om te kunnen gaan. Als je niet sterk genoeg bent, ga je er aan onderdoor." [064]
vorige   volgende
Colofon en inhoudsopgave
Hoofdstuk 1    Inleiding en probleemstelling
Hoofdstuk 2    Verkooppunten
Hoofdstuk 3    Algemene impressies
Hoofdstuk 4    Karakteristieke kenmerken
Hoofdstuk 5    Typologie
Hoofdstuk 6    Spreiding, verspreiding en omvang
Hoofdstuk 7    Conclusies en discussie
Samenvatting
Literatuur
Bijlage A    Verklarende woordenlijst
Bijlage B    Beroepsclassificatie naar soorten
Bijlage C    Patronen van gebruik
 
© INTRAVAL, Groningen-Rotterdam .
Deze site wordt onderhouden door De Poel Webdesign.